< Terug naar overzicht

Weigeren meewerken aan re-integratietraject is dringende reden

Een re-integratietraject van een langdurig arbeidsongeschikte werknemer kan worden opgestart op verzoek van de werknemer, het ziekenfonds of de werkgever. Bij de start moet de preventieadviseur-arbeidsarts een re-integratiebeoordeling maken, om na te gaan of de werknemer het overeengekomen werk op termijn opnieuw zal kunnen uitoefenen, eventueel mits aanpassingen. Maar wat als de werknemer weigert in te gaan op de uitnodiging voor het medisch onderzoek? Volgens een recent vonnis van de arbeidsrechtbank van Gent kan dit een ontslag om dringende reden rechtvaardigen.

Een werknemer was in dienst bij de werkgever als arbeider-technicus. Na een afwezigheid wegens arbeidsongeschiktheid van meer dan twee jaar werd hij uitgenodigd voor een medisch onderzoek in het kader van een re-integratietraject op verzoek van de werkgever. De werknemer deelde mee dat het voor hem onmogelijk was hierop in te gaan wegens gezondheidsredenen.

Toen de werknemer enkele maanden later opnieuw werd uitgenodigd, antwoordde hij op een bijna identieke manier. Hij zou zich opnieuw niet aanbieden omwille van gezondheidsredenen. Nochtans bleek uit het medisch attest dat hij de woning wel mocht verlaten.

Na meer dan drie jaar arbeidsongeschiktheid (en een jaar na het eerdere verzoek tot re-integratie) kon de werknemer volgens de werkgever niet ernstig voorhouden dat hij niet in staat was zich aan te bieden in het kader van een re-integratietraject. Daarom beëindigde de werkgever de arbeidsovereenkomst wegens dringende reden. De werknemer betwistte dit en vorderde voor de arbeidsrechtbank de betaling van een opzeggingsvergoeding.

Artikel I.4-78 van de Codex over het welzijn op het werk bepaalt dat de werkgever en de werknemer moeten meewerken aan het vlot verloop van het re-integratietraject om de slaagkansen van de re-integratie te bevorderen.

In deze zaak heeft de werknemer zich volgens de arbeidsrechtbank helemaal niet constructief opgesteld, zelfs integendeel. De werknemer heeft tot tweemaal toe op een niet-gemotiveerde wijze geweigerd op een verzoek tot re-integratie in te gaan, hoewel tussen de beide verzoeken een geruime periode is verstreken. De arbeidsrechtbank is van oordeel dat het herhaaldelijk en zonder een ernstige reden weigeren mee te werken aan een re-integratietraject een dringende reden uitmaakt in hoofde van de werknemer.

Dat er enige terughoudendheid zou bestaan om aan het re-integratietraject mee te werken omdat deze procedure in vele gevallen zou leiden tot een beëindiging wegens medische overmacht, kan niet als excuus worden aanvaard en staat in contrast met het opzet van de bepalingen van de Codex welzijn op het werk.

Artikel I.4-77 van de Codex welzijn op het werk bepaalt overigens dat de werknemer zich gedurende het hele re-integratietraject kan laten bijstaan door een werknemersafgevaardigde in het Comité of bij ontstentenis hiervan, door een vakbondsafgevaardigde van zijn keuze. Er is bovendien ook in een beroepsprocedure voorzien tegen de beslissingen van de preventieadviseur-arbeidsarts.

Volgens de arbeidsrechtbank was het ontslag om dringende reden dan ook gegrond zodat er geen opzeggingsvergoeding was verschuldigd.

Arbrb. Gent (afd. Gent) 1 juli 2020, TGR 2020, afl. 3, 142

 

Julie Devos
Advocaat
Claeys & Engels

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen