< Terug naar overzicht

Doelgroepvermindering eerste aanwerving: RSZ mag niet te snel oordelen dat ondernemingen eenzelfde technische bedrijfseenheid vormen

Werkgevers kunnen van verschillende verminderingen voor RSZ-bijdragen genieten. Een ervan is de doelgroepvermindering ‘eerste aanwerving’, voor de eerste werknemers die in dienst genomen worden. Ook een nieuwe bouwonderneming (aannemer voor renovatieprojecten) wilde van deze doelgroepvermindering gebruik maken. Echter, één van de bestuurders van deze nieuwe onderneming was reeds eigenaar van een andere onderneming, actief in de opvolging van grote bouwprojecten. Bovendien had de andere bestuurder ook nog als werknemer gewerkt voor deze onderneming. Voor de RSZ was de link tussen beide vennootschappen voldoende om de aangevraagde doelgroepvermindering te weigeren.

De RSZ oordeelde dat de nieuwe bouwonderneming in feite deel uitmaakte van dezelfde technische bedrijfseenheid met de andere onderneming en er op dit niveau van de technische bedrijfseenheid geen meertewerkstelling werd gecreëerd. De RSZ verwees hierbij naar het feit dat één persoon bestuurder was in beide ondernemingen en naar de bouwactiviteiten die door beide ondernemingen werden uitgeoefend in elkaars onmiddellijke omgeving.

De nieuwe bouwonderneming was het niet eens met dit standpunt van de RSZ en beschouwde zichzelf helemaal niet als verbonden met de andere onderneming. Haar standpunt werd uitvoerig toegelicht aan de RSZ, doch deze bleef bij zijn initiële weigeringsbeslissing. Het dossier werd vervolgens aanhangig gemaakt voor de arbeidsrechtbank. Het kwam dus aan de arbeidsrechtbank toe om te oordelen of er in dit geval al dan niet sprake was een technische bedrijfseenheid.

Vooreerst merkte de rechtbank op dat de notie ‘eenzelfde technische bedrijfseenheid’ in het kader van de doelgroepvermindering niet in de wet wordt verduidelijkt en dat niet zonder meer teruggegrepen mag worden naar de invulling die hieraan wordt gegeven in het kader van sociale verkiezingen. Ook de administratieve instructies van de RSZ hierover werden door de rechtbank niet zonder meer in aanmerking genomen om het begrip te beoordelen, gezien het volgens de rechtbank niet de bedoeling kan zijn dat de RSZ zelf criteria gaat ontwikkelen die door de rechtbank als toetssteen gebruikt moeten worden voor de toepassing van de wettelijke bepalingen.

De arbeidsrechtbank greep terug naar principes die afgeleid kunnen worden uit eerdere rechtspraak, waaruit blijkt dat er sprake moet zijn van sociale en economische verwevenheid. Zij gaf ook enkele voorbeelden van elementen die als dergelijke samenhang beschouwd kunnen worden. De rechtbank nuanceerde wel duidelijk bij dat al deze elementen steeds bekeken moeten worden in het licht van de bedoeling van de wetgever, namelijk of er al dan niet een meertewerkstelling werd gecreëerd.

Op basis van deze elementen besloot de arbeidsrechtbank dat beide ondernemingen niet tot eenzelfde technische bedrijfseenheid behoren, noch naar de letter van de wet, noch naar de geest ervan. De arbeidsrechtbank stelde dat de bouwonderneming een nieuwe en onderscheiden onderneming is, met een eigen, verschillende activiteit, gesteund op een eigen commerciële insteek, die in de praktijk geleid wordt door een ander persoon, met eigen personeel met een ander profiel. De enige nog bestaande verbanden tussen beide ondernemingen, namelijk dat zij deels dezelfde eigenaar en bestuurder hebben (althans op papier) en dat zij actief zijn in de bouwsector, volstaan volgens de rechtbank geenszins om te kunnen spreken van eenzelfde technische bedrijfseenheid.

De beslissing van de RSZ werd dan ook vernietigd en de bouwonderneming kon wel degelijk gebruik maken van de doelgroepvermindering.

Verifieer bij aanvragen van een doelgroepvermindering steeds of aan de geldende voorwaarden voldaan is. Indien de RSZ oordeelt dat er geen doelgroepvermindering mogelijk is omdat er sprake zou zijn van eenzelfde technische bedrijfseenheid, weet dan dat hiertegen beroep aangetekend kan worden en dat een rechtbank de RSZ zeker kan corrigeren als blijkt dat hij te snel oordeelde tot het bestaan van eenzelfde technische bedrijfseenheid.

Arbeidsrechtbank Gent, afdeling Brugge, 2 juni 2021 (20/191/A)
Veerle Van Keirsbilck
Senior Associate Claeys & Engels

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen