< Terug naar overzicht

Sociale dialoog: tijd voor experimenten à la Hansenne?

De onafhankelijke (maar toch ook wat aan de vakbonden gelieerde) denktank Minerva komt op de proppen met een voorstel voor een soort experimentele en tijdelijke deregulering van het sociaal overleg in de bedrijven, op basis van een recente studie. Bedrijven zouden via een in de tijd beperkte collectieve arbeidsovereenkomst en met terugvalopties kunnen afwijken van bestaande regels en structuren. Interessant? Oordeel zelf.

De auteur Stan De Spiegelaere (onderzoeker Europees Vakbondsinstituut, gastprofessor UGent) ziet het als volgt: “Deze studie geeft geen blauwdruk voor een nieuw sociaal overleg, maar wil werknemers- en werkgeversvertegenwoordigers vrijheid geven om te experimenteren met andere structuren. Op die manier kunnen we de koudwatervrees voor verandering wegnemen. In de jaren 1980 werden experimenten rond arbeidstijd toegelaten in de ‘experimenten Hansenne’. Met dit voorstel geven we dezelfde ruimte voor het sociaal overleg.”

Voor onze jongere lezertjes: Michel Hansenne (PSC) was van 1981 tot 1988 minister van Tewerkstelling en Arbeid (zoals Werk toen heette). Hij liet 40 bedrijven experimenteren met nieuwe, flexibele arbeidstijdregelingen op basis van sociale dialoog en overeenkomsten binnen de onderneming. Hansenne was ook de uitvinder van het Bijzonder Tijdelijk Kader (BTK) en het Derde Arbeidscircuit (DAC), twee regelingen om langdurig werklozen gesubsidieerd aan de slag te krijgen bij overheden, instellingen en vzw’s. Er werd hiervoor al gauw het begrip ‘nepstatuten’ uitgevonden. Later werden de statuten vervangen door ‘gesubsidieerde contractuelen’ (gesco’s), een systeem pas in 2016 werd afgevoerd. Maar we wijken af.

Stan De Spiegelaere laat zich dus inspireren door de experimenten van de illustere en vernieuwingsgezinde christendemocraat, om proeftuinen te installeren in individuele bedrijven ter verbetering van de sociale dialoog en de ‘economische democratie’. Een overzichtje van de voornaamste suggesties.

• Vertegenwoordiging in kmo’s.

In bedrijven met minder dan 50 werknemers krijgen werknemers het recht op vertegenwoordiging als een meerderheid van hen zich achter deze vraag schaart. Ze kunnen de vertegenwoordiging zelf vormgeven in onderhandeling met de werkgever. Zonder akkoord treden minimumvoorwaarden in werking die gelijk zijn aan de bevoegdheden van de syndicale delegatie.

• Versterkte rol ondernemingsraad.

Op aanvraag van een meerderheid werknemers kan over een ondernemingsraad worden onderhandeld naar Nederlands model. Dat geeft meer betrokkenheid bij bedrijfsbeslissingen, wat volgens de auteur veel voordelen heeft voor het bedrijf.

• Medebeheer.

Over naar het Duitse model. In België is er noch bij vakbonden, noch bij werkgevers een meerderheid te vinden voor ‘medebeheer’. Toch zijn er ook voorstanders. Daarom pleit De Spiegelaere ervoor experimenten toe te laten ‘in ondernemingen met een bepaalde grootte’, desgevallend op vraag van een meerderheid van de werknemersvertegenwoordigers. Zonder overeenstemming over de formule, zou een minimumregeling met twee werknemersvertegenwoordigers in de raad van bestuur gelden.

• Fusie OR en CPBW.

Middelgrote bedrijven kunnen een fusie van ondernemingsraad en comité preventie en bescherming op het werk vragen als een meerderheid dit wenst. Dit zou de efficiëntie kunnen verhogen en de vergaderlast verminderen.

Voor alle duidelijkheid: volgens de auteur moeten voor alle experimenten onderhandelde formules gevonden worden, vastgelegd in een bedrijfs-cao met beperkte duur. Als het experiment mislukt is, kan het stopgezet worden.
Wie ziet daar brood in? Laat het me weten: jos.gavel@hrsquare.be.

De volledige tekst van de studie en de aanbevelingen is te vinden op www.denktankminerva.be.

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen