< Terug naar overzicht

“Het beste bewijs komt niet altijd uit de wetenschap”

Meer dan twintig jaar al pleit Rob Briner, professor Organizational Psychology aan de Queen Mary University of London, voor de toepassing van evidence-based practice in HR. Het Britse HR Magazine noemt hem om die reden een van de meest invloedrijke denkers in HR, maar zelf doet hij er alles aan om die status te relativeren. “Kunt u dat bewijzen?”, lacht hij tijdens zijn gesprek met Hermien Vanoost in de marge van het Evidence-based HR Congres in Brussel, georganiseerd door FOD BOSA, de Universiteit Gent en ESCALA.

- Herinnert u zich uw eerste kennismaking met evidence-based practice nog?

Rob Briner: “Zeker. Dat was in de jaren 1990, toen ik aan mijn doctoraat over stress op het werk bezig was. Tijdens een gesprek met een collega wond ik me op over de vele foute aannames die er over stress circuleerden. Zij werkte als klinisch psychologe en had vanuit de geneeskunde met de principes van evidence-based werken kunnen kennismaken. Ze raadde me aan om die werkwijze uit te proberen, om zo meer op de essentie te kunnen focussen. Het bleek de juiste beslissing te zijn.”

- Waarom? Wat zijn de voordelen van evidence-based practice?

Rob Briner: “Bij alle beslissingen die we nemen – of het nu gaat over kleren kiezen, onderzoek opzetten of een nieuwe talentmanagementstrategie uittekenen – maken we gebruik van ‘evidenties’, in de hoop zo het gewenste resultaat te bereiken. Meestal steken we daar weinig tijd en energie in en voeren we slechts een beperkt aantal argumenten aan om onze keuze te maken. Ook op het werk is dat zo. We werpen een blik op de gegevens, strooien wat ideeën rond en nemen een beslissing waarvan we vinden dat ze ‘leuk’ is. Daar ligt het verschil met evidence-based practice. Die methode, die een vaste structuur volgt, zet ons aan verscheidene en van elkaar onafhankelijke bronnen te raadplegen, zodat we beter geïnformeerde beslissingen kunnen maken. Evidence-based practice is het gewetensvol, expliciet en oordeelkundig gebruik van het best beschikbare bewijsmateriaal. Het brengt de aandacht terug bij wat belangrijk is: het probleem, de gevolgen en de werkbare oplossingen.”

- Hebt u het dan over wetenschappelijke bewijzen?

Rob Briner: “Onder andere. Wetenschappelijke bevindingen zijn uiteraard belangrijk, maar er zijn nog andere bronnen die ‘evidenties’ leveren en relevant zijn, zoals de organisatiedata en zelfs de eigen inzichten en de ervaringen van betrokkenen. Vergelijk het met de manier waarop een dokter werkt. Die zal zijn wetenschappelijke bagage inzetten om een diagnose te stellen, maar hij zal ook naar de patiënt luisteren en zijn ervaring uit eerdere contacten gebruiken. Zo zou het ook in HR moeten zijn. Informatie halen uit de wetenschap is goed, maar niet voldoende. Het is zeker niet zo dat het beste of meest kwaliteitsvolle bewijs altijd uit de wetenschap komt.”

Lees het volledige verhaal in het tijdschrift HR Square, online of op onze app.
Als lid van HR Square ontvangt u niet alleen het tijdschrift, maar hebt u ook toegang tot de app en de website met het archief en geniet u van stevige prijsreducties op de HR Square Seminaries, de HR Square Masterclass, de HR Square Conference en andere evenementen.
Hoe wordt u lid? Ga naar www.hrsquare.be of contacteer Pascale Lenaers, pascale.lenaers@hrsquare.be, 0471 85 70 42.

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen