Advertisement
< Terug naar overzicht

Een vierde werkte minder of niet in maart, drie procent werkte meer

In maart was er – zoals verwacht- een duidelijke daling in de arbeidsduur. Een werkende op vier werkte minder dan gewoonlijk of helemaal niet. Ziekte was de belangrijkste reden van afwezigheid.

Het Belgisch statistiekbureau Statbel wil de impact van het coronavirus op de arbeidsmarkt in kaart brengen. Daarom worden vanaf nu maandelijks voorlopige gegevens over werkgelegenheid en werkloosheid gepubliceerd, uit de Enquête naar de Arbeidskrachten (EAK).
Zoals verwacht heeft de coronacrisis een impact op de arbeidsduur. De gegevens voor maart 2020 tonen al opvallende evoluties. Werkenden presteerden gemiddeld 32,8 uur in een voltijdse job en 19,4 uur in een deeltijdse job, in wat ze beschouwen als hun hoofdbaan. Dat gemiddelde ligt lager dan in februari, waar in een voltijdse job gemiddeld 37,3 uur gepresteerd werd en 21,6 uur in een deeltijdse job.
Het ligt ook lager dan in maart 2019, toen een voltijdse job goed was voor gemiddeld 37,5 uur en een deeltijdse voor 22,0 uur.
Bijna een op vier werkenden heeft minder uren dan gewoonlijk gepresteerd of helemaal niet gewerkt. Het gaat naar schatting over 1.152.000 werkende personen waarvan er 737.000 geen uren gepresteerd hebben en 415.000 minder uren dan gewoonlijk. Dit gemiddelde voor maart houdt zowel rekening met de weken voor als met de weken na de lockdown.
De meest voorkomende reden waarom niet gewerkt werd is ziekte, ongeval of tijdelijke arbeidsongeschiktheid, bij gemiddeld ongeveer 250.000 werkenden. De maand ervoor ging het over 172.000 personen, het jaar ervoor over 165.000.

De grootste toename is er echter bij technische of economische redenen (tijdelijke werkloosheid): van 6000 tijdelijk werklozen in februari naar 223.000 in maart 2020. ‘Andere redenen’ volgt op de derde plaats (166.000 personen). Hierbij zitten verhoudingsgewijs vrij veel zelfstandigen die zich allicht niet als tijdelijk werkloos classificeren maar die een overbruggingsrecht kunnen aanvragen. Vermoedelijk zitten bij de andere redenen ook loontrekkenden die omwille van de coronacrisis niet gewerkt hebben maar zichzelf niet als tijdelijk werkloos classificeren.
De belangrijkste reden waarom minder uren dan gewoonlijk gewerkt werd is ‘andere redenen’, gevolgd door technische of economische redenen (tijdelijke werkloosheid). Op de derde plaats komen feestdag(en), vakantie, compensatieverlof, verlof zonder wedde.
3,2 procent van de werkenden zegde meer uren dan gewoonlijk gepresteerd te hebben. De belangrijkste redenen om meer te werken zijn technische of economische redenen, gevolgd door andere redenen en flexibel uurrooster (opgelegd door de werkgever).

Bron: Statbel

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen