< Terug naar overzicht

Van dop of ziekenkas naar werk: pressen helpt niet

Jos Gavel

Eind juni kwamen de federale regering en haar minister van Werk op de proppen met de krachtlijnen van een ‘arbeidsdeal’. Deze moet mede oplossingen bieden voor de echte of vermeende ‘krapte op de arbeidsmarkt’, door de ‘activering’ van werklozen aller soorten en van andere ‘inactieven’. Concreet is het allemaal nog niet, de bevoegde minister zal in november met ‘voorstellen’ uitpakken. De pistes worden momenteel onderzocht en ongetwijfeld ook politiek getoetst.

Eén van die pistes is werklozen aanporren om meer werk te maken van werk zoeken of te aanvaarden, door de uitkeringen sneller te laten dalen (na een eerste periode van hogere uitkeringen). De logica: “Zet ze op droog zaad – nog droger dan wat ze vandaag in het bakje krijgen na pakweg een jaar werkloosheid – en ze zullen harder hun best doen.” Een goed idee? Volgens Sacha Dierckx, wetenschappelijk medewerker van de ‘progressieve denktank’ Minerva, gaat het over “toogpraat die regeringsbeleid wordt” (De Standaard, 26 juli 2018). “Die beslissing is gebaseerd op twee principes, die beide volledig van de pot gerukt zijn”, stelt hij. Dierckx argumenteert, ten eerste dat er niet genoeg werk is voor iedere niet-werkende werkzoekende. Hij baseert zich daarvoor op VDAB-cijfers, die eind juni ruim 52.000 openstaande vacatures telden tegenover dik 184.000 geregistreerde niet-werkende werkzoekenden. Ten tweede verwijst hij naar diverse onderzoeken waaruit zou blijken dat genereuze uitkeringen niet leiden tot hogere werkloosheid, dat vooral ‘kansarme’ werkzoekenden door lagere uitkeringen niet geholpen, maar wel armer worden (omdat zij niet meer ‘kansen’ krijgen).

Of de geciteerde onderzoeker geheel of gedeeltelijk gelijk heeft, kunnen wij niet zeggen. Wel mogen wij vaststellen dat de regeringsbenadering heel 19de-eeuws overkomt. Zij organiseert geen dwangarbeid stricto sensu, maar probeert de doppers de bedrijven in te jagen door te dreigen met (nog grotere) armoede. Dat gebeurde 200 tot 100 jaar geleden ook al toen de boerenzonen en -dochters massaal in de fabrieken die met ‘arbeidskrapte’ kampten moesten worden gedreven. De logica heeft toen gewerkt, de vraag is of zij ook in de 21ste eeuw nog te praktiseren is. Deze vraag moet niets met morele overwegingen te maken hebben, wel met de lessen die wij kunnen trekken uit pakweg de voorbije 50 jaar van HR-onderzoek en praktijk.

Het is zo klaar als pompwater. Elke organisatie wil medewerkers aantrekken die gemotiveerd, competent, betrouwbaar, mentaal/fysiek gezond, niet te jong en niet te oud zijn. De kans is groot dat er bij veel (langdurig) werklozen constructiefouten zitten op een of meer van deze punten. Wat dan? Zeer weinig bedrijfsleiders of hun gemandateerden zullen in voorkomend geval aanwerven. Dat is begrijpelijk. Zij moeten echter ook niet knorren wanneer zij niet of niet snel genoeg het geschikte personeel vinden.

Voor de meeste constructiefouten zijn oplossingen te vinden op organisatieniveau. Soms zullen die iets kosten, soms niet. Organisaties die goed werkgeverschap in de praktijk brengen, hebben veel minder last van de echte of vermeende arbeidsmarktkrapte. Motiveren, extrinsiek en intrinsiek, dat kan alleen de werkers zoekende organisatie zelf. Sociale dialoog helpt daarbij.

De gewenste competenties laten ontwikkelen: dat is een gedeelde verantwoordelijkheid van werkgever en werknemer, met ondersteuning van de VDAB en hulp van scholen en opleidingsbedrijven. Voor het overige zal buiten-de-doos-denken nuttig zijn voor aanwervers, vooral dan in combinatie met bewustwording en bestrijding van de eigen op toogpraat en anekdotiek gebaseerde vooroordelen.

Is dit gemakkelijk? Neen, niets dat de moeite waard is, is gemakkelijk. Kan voor deze aanpak budget gevonden worden in organisaties zelf? Vaak wel, door bedrijfsbureaucratie – je staat versteld van welke ziekte deze is in veel bedrijven – weg te gooien, nutteloze uitgaven uit te roeien en beter (minder?) management te installeren.

Kan de overheid daarbij helpen? Ja, door bijvoorbeeld op verstandige wijze zeer veel geld te investeren in alle vormen van alle vormen van scholing, omscholing, al dan niet duaal leren. Daarvoor mag gerust de VDAB grondig versterkt worden, al is dit niet de enige weg. Het enige wat de overheid niet moet doen, is ongemotiveerde of fout gemotiveerde en nog niet geschikte kandidaten naar organisaties jagen door lagere uitkeringen of de beperking ervan in de tijd. Gepreste zeelui zijn immers veel vatbaarder voor sabotage, muiterij en piraterij.

Jos Gavel (jos.gavel@hrsquare.be)

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen