< Terug naar overzicht

Werknemer beweert dat hij jarenlang te weinig loon heeft ontvangen: een tikkende tijdbom?

Een bediende beweerde na zijn ontslag dat hij jarenlang een hogere functie had uitgeoefend en daarvoor niet voldoende betaald was. Hij eiste achterstallig loon, achterstallig vakantiegeld en een hogere opzeggingsvergoeding. De zaak kwam voor de arbeidsrec

Een concessiehouder van Franse wagens wierf in 1981 een bediende aan voor eenvoudig administratief werk en voor het verrichten van diverse kleine taken, zoals het ophalen van wagens en thuisbrengen van klanten. De bediende werd betaald volgens de laagste functieclassificatie. In de loop der jaren bouwde de concessiehouder zijn activiteiten af tot hij, eind 2006, wegens economische redenen de arbeidsovereenkomst van de bediende heeft beëindigd mits betaling van een opzeggingsvergoeding van 18 maanden loon.
Enkele maanden na het ontslag kreeg de werkgever een brief van de vakbond van de werknemer. Na 25 jaar zonder opmerkingen omtrent zijn loon, beweerde de bediende plots dat hij sinds 1994 de (hogere) functie van boekhouder uitoefende, zodat hij recht had op achterstallig loon. Hij vorderde ongeveer 120.000 euro achterstallig loon en achterstallig vakantiegeld. Bovendien vorderde hij nog een aanvullende opzeggingsvergoeding – rekening houdend met zijn hoger loon – van ruim 30.000 euro.

Geen bewijzen?


Omdat de werkgever weigerde in te gaan op zijn eisen, dagvaardde de werknemer zijn voormalige werkgever voor de arbeidsrechtbank. De arbeidsrechtbank te Brussel merkte op dat de bediende weliswaar hoger onderwijs had gevolgd (met inbegrip van boekhoudlessen), maar dit bewijst volgens de rechtbank niet dat de bediende effectief de functie van boekhouder uitoefende. De bediende kon ook geen concrete bewijsstukken voorleggen om zijn stelling te staven.
De werkgever bracht daarentegen stukken in waaruit blijkt dat er een beroep werd gedaan op een externe accountant. De rechtbank oordeelde dan ook dat de bediende onvoldoende bewijzen had voorgelegd van zijn (beweerde) hogere functie.

Te lang gezwegen?


De rechtbank oordeelde bovendien dat de werknemer zijn eventueel recht op achterstallig loon had ‘verwerkt’. Zelfs al zou de bediende recht hebben gehad op een hoger loon, dan nog kon hij zich volgens de arbeidsrechtbank hierop niet meer beroepen door zijn jarenlang stilzwijgen – wat door de arbeidsrechtbank werd beschouwd als ‘rechtsverwerking’. De arbeidsrechtbank merkte op dat de bediende gedurende zijn volledige tewerkstelling geen enkele vorm van protest heeft geuit over zijn loon. Deze houding is objectief onverenigbaar met de uitoefening door de bediende van zijn (vermeend) recht op achterstallig loon.

Rechtsplegingsvergoeding


De vorderingen van de bediende werden dan ook integraal afgewezen. De bediende werd bovendien veroordeeld tot de gerechtskosten, waaronder een rechtsplegingsvergoeding van 5000 euro. Het is nog niet duidelijk of de bediende hoger beroep zal aantekenen.

Arbeidrechtbank Brussel, 8 juni 2009, AR 15632/07.

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen