< Terug naar overzicht

Wanneer kan werknemer die tijdelijk naar buitenland wordt gezonden aan de Belgische sociale zekerheid onderworpen blijven?

Vanaf 19 april 2016 verlopen detacheringsaanvragen via de vernieuwde, beveiligde online-dienst ‘Werken in het buitenland’. Wanneer kan die werknemer aan de Belgische sociale zekerheid onderworpen blijven?

Wanneer een werknemer tijdelijk in het buitenland werkt, kan hij verder aan Belgische sociale zekerheid onderworpen blijven indien een aantal voorwaarden zijn vervuld. Om in het buitenland te bewijzen dat hij nog aan de Belgische sociale zekerheid onderworpen is en vrijgesteld is van onderwerping aan de lokale sociale zekerheid, moet een detacheringsbewijs (A-1 formulier of ‘certificate of coverage’) worden aangevraagd. Vanaf 19 april 2016 moeten deze aanvragen via een nieuwe beveiligde online-dienst ‘Werken in het buitenland’ gebeuren. Als werkgever moet u een beveiligde toegang hebben tot het portaal. Meer informatie hieromtrent kan worden gevonden op https://www.socialsecurity.be/site_nl/employer/applics/gotot/index.htm.

Maar wanneer kan een werknemer die tijdelijk naar het buitenland wordt gezonden aan de Belgische sociale zekerheid onderworpen blijven? Een overzicht.

I. Detacheringen binnen de EER (*) en Zwitserland

Indien de werknemer tijdelijk naar een lidstaat van de EER of Zwitserland wordt gezonden, is de Verordening (EG) 883/2004 van toepassing. De volgende voorwaarden moeten simultaan vervuld zijn om verder aan de Belgische sociale zekerheid onderworpen te blijven:

 

  1. De werknemer moet vooraf reeds 1 maand aan de Belgische sociale zekerheid onderworpen zijn. Dit hoeft niet noodzakelijk als werknemer van de uitsturende werkgever, maar kan ook als werknemer bij een andere werkgever of als zelfstandige, student,…
  2. De voorziene duur van de detachering mag niet langer zijn dan 24 maanden. In de praktijk kent België op basis van het uitzonderingsartikel doorgaans evenwel verlengingen tot maximaal 5 jaar toe.
  3. De werkgever moet substantiële economische activiteiten in België uitoefenen. Het voeren van loutere administratieve activiteiten volstaat niet.
  4. Gedurende de ganse periode van de detachering moet er een directe band tussen de Belgische werkgever en de werknemer blijven bestaan. Concreet betekent dit dat gedurende de ganse periode de bevoegdheid inzake aanwerving en ontslag, het bepalen van de ‘aard’ van de werkzaamheden en het loon, en het nemen van tuchtmaatregelen uitsluitend bij de Belgische werkgever moet blijven. Daarnaast mag de werknemer geen arbeidsovereenkomst hebben met een werkgever in de andere lidstaat.
  5. De werknemer mag niet worden uitgezonden om een andere werknemer te vervangen.

Om in de andere lidstaat te bewijzen dat de werknemer verder aan Belgische sociale zekerheid onderworpen is, moet een A-1 formulier worden aangevraagd.

II. Detacheringen naar een land waarmee België een verdrag inzake sociale zekerheid heeft

Bij detacheringen buiten de EER en Zwitserland moet worden nagegaan of België met het land waarnaar de werknemer wordt gedetacheerd, een verdrag inzake sociale zekerheid heeft. Momenteel heeft België met 26 landen een dergelijk verdrag gesloten. De detacheringsvoorwaarden in het kader van de verdragen zijn gelijkaardig als deze in het kader van de Verordening (EG) 883/2004. Wel kan de maximale duur van verdrag tot verdrag verschillen (gaande van 12 maanden tot en met 5 jaar), zij het dat in de praktijk de RSZ detacheringen tot en met 5 jaar toestaat.

Om in het andere land te bewijzen dat de werknemer verder aan de Belgische sociale zekerheid onderworpen is, moet een ‘certificate of coverage’ worden aangevraagd.

Let op: sommige verdragen bevatten een nationaliteitsvoorwaarde, zodat telkens moet worden nagegaan of het verdrag wel op de werknemer van toepassing is. Is dat niet het geval, dan laat de RSZ toch detacheringen naar die landen toe voor een periode van 6 maanden, verlengbaar met maximaal 6 maanden voor zover de detacheringsvoorwaarden vervuld zijn.

III. Detacheringen naar een land waarmee België geen verdrag inzake sociale zekerheid heeft

Indien de werknemer wordt uitgezonden naar een land waarmee België geen verdrag inzake sociale zekerheid heeft gesloten, kan de werknemer in principe niet verder aan de Belgische sociale zekerheid onderworpen blijven. Toch laat de RSZ toe dat werknemers die voor een duur van minder dan 6 maanden naar een land zonder verdrag worden gezonden, verder onderworpen blijven aan de Belgische sociale zekerheid op voorwaarde ze niet deelnemen aan het facultatieve stelsel van de overzeese sociale zekerheid (DIBISS).

Hiertoe moet geen detacheringsbewijs worden aangevraagd. De termijn van 6 maanden kan worden verlengd met maximaal 6 maanden voor zover de RSZ hiervan voor het verstrijken van de eerste termijn in kennis wordt gesteld.

Een alternatief of wanneer de werknemer reeds van bij aanvang voor meer dan 6 maanden naar een land zonder verdrag wordt gestuurd, is de onmiddellijke aansluiting bij het facultatieve stelsel van de overzeese sociale zekerheid. Daarnaast kan natuurlijk ook een beroep worden gedaan op een privéverzekering.

Auteur: Sophie Maes (advocaat-vennoot Claeys & Engels)

(*) EER staat voor de Europese Economische Ruimte. Daartoe behoren alle 28 lidstaten van de Europese Unie, aangevuld met Liechtenstein, IJsland en Noorwegen.

 


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen