< Terug naar overzicht

Taalgebruik tussen werkgevers en werknemers wordt streng gesanctioneerd

Wanneer de Belgische exploitatiezetel waaraan een werknemer verbonden is, gevestigd is in het Nederlandse taalgebied, moeten alle ‘sociale betrekkingen’ tussen de werkgever en die werknemer verlopen in het Nederlands. Gebeurt dat in een andere taal, k

De ‘sociale betrekkingen’ omvatten zowel de mondelinge als schriftelijke contacten tussen werkgever en werknemer, die rechtstreeks of onrechtstreeks verband houden met de tewerkstelling. Dit komt erop neer dat alle documenten die bestemd zijn voor het personeel in het Nederlands moeten worden opgesteld.

Het Nederlands taaldecreet sanctioneert deze verplichting met ‘absolute nietigheid’. Kortom, het document dat is opgesteld in de verkeerde taal, wordt geacht niet te hebben bestaan.

Het hierna besproken arrest van het arbeidshof van Brussel illustreert deze strenge wetgeving en de inherente risico’s ervan voor de werkgever.

Exploitatiezetel in Leuven, overeenkomst in het Frans


In deze zaak werd door de werkgever en de werknemer een overeenkomst (opgesteld in het Frans) ondertekend, waarbij de arbeidsovereenkomst werd beëindigd. De werknemer was echter verbonden aan een exploitatiezetel gevestigd in Leuven, zodat het Nederlands Taaldecreet diende te worden nageleefd. De gewiekste werknemer betwistte vervolgens dat zijn arbeidsovereenkomst in onderling akkoord werd beëindigd en eiste een opzeggingsvergoeding van de werkgever.

Volgens de werkgever moet men een onderscheid maken tussen het mondeling akkoord en de schriftelijke bevestiging ervan. Tijdens de mondelinge bespreking zou er een voldoende zekere wilsovereenstemming in verband met de beëindiging van de arbeidsovereenkomst uitgedrukt zijn. De werkgever argumenteerde dat het Nederlands taaldecreet om die reden niet meer van toepassing was op de schriftelijke bevestiging van het (rechtsgeldig) akkoord tussen de partijen.

In eerste aanleg kreeg de werkgever gelijk en werd de vordering tot het krijgen van een opzeggingsvergoeding afgewezen.

Mondeling in het Nederlands, document in het Frans


Het arbeidshof van Brussel volgde de redenering van de werkgever echter niet. Het arbeidshof wees erop dat het Nederlands Taaldecreet betrekking heeft op alles wat rechtstreeks of onrechtstreeks verband houdt met de tewerkstelling. Volgens het arbeidshof is het onderscheid dat de werkgever zou willen maken tussen het mondelinge akkoord en de schriftelijke bevestiging ervan kunstmatig, aangezien beide met elkaar verband houden.

Bovendien bleek dat ook de mondelinge wilsovereenstemming gedeeltelijk gebeurd was in het Frans. Het arbeidshof van Brussel weigerde rekening te houden met de nietige Franstalige overeenkomst tot beëindiging in onderling akkoord en veroordeelde de werkgever tot betaling van een opzeggingsvergoeding.

Dit arrest illustreert het bijzonder ruim toepassingsgebied van het Nederlands Taaldecreet, dat zowel van toepassing is op de mondelinge betrekkingen tussen een werkgever en een werknemer, als op alle documenten die de werkgever aan de werknemer bezorgt. Deze moeten dus alle gebeuren/worden opgesteld in het Nederlands, op straffe van absolute nietigheid.

Arbeidshof van Brussel, 4 februari 2011, A.R. 2010/AB/193

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen