< Terug naar overzicht

Onwetendheid is geen wilsgebrek

Eens het ontslag is gegeven (mondeling of schriftelijk) kunnen de partijen rechtsgeldig een overeenkomst sluiten omtrent de modaliteiten van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst.

In de praktijk proberen de partijen vaak tot een algemeen akkoord te komen over hun wederzijdse rechten en plichten (zoals opzegtermijn of opzegvergoeding en eventueel nog verschuldigde loon), waarna ze uitdrukkelijk afstand doen van alle rechten en/of vorderingen in een dadingsovereenkomst. Na die afstand, kunnen ze in principe geen vorderingen meer instellen tegen elkaar. Toch gebeurt het dat één van de partijen – meestal de werknemer – nadien nog probeert om bepaalde vergoedingen te eisen.

Het arbeidshof in Antwerpen diende zich uit te spreken over een vordering van een werknemer die de geldigheid van een dadingsovereenkomst betwistte. De werknemer werd ontslagen tijdens een gesprek met zijn werkgever. Het gesprek werd voortgezet en mondde uit in de ondertekening van een dadingsovereenkomst, waarin een sluitende afstandsclausule werd opgenomen waarbij partijen “wederzijds afstand (…) doen van alle weldanige rechten en vorderingen die zouden kunnen ontstaan of die reeds ontstaan zijn uit hoofde en/of naar aanleiding van het bestaan de uitvoering en/of de beëindiging van de arbeidsverhouding die tussen hen of elke (…) of eenheid die deel uitmaakt van dezelfde groep waartoe (…) behoort, heeft bestaan.

Na de ondertekening van de dadingsovereenkomst probeerde de werknemer alsnog een aanvullende opzegvergoeding te eisen, alsook morele schadevergoeding. De werknemer beweerde dat de dadingsovereenkomst nietig is, omdat ze is aangetast door een ‘wilsgebrek’, namelijk door ‘dwaling’. De werknemer beweerde dat hij ‘dwaalde’, omdat hij niet wist dat zijn hospitalisatieverzekering zou vervallen. Indien hij dat had geweten, zou hij de dadingsovereenkomst niet hebben getekend.

Het arbeidshof merkte op dat de hospitalisatieverzekering niet is vervallen door de ondertekening van de dadingsovereenkomst, maar wel door het ontslag. Het hof oordeelde bovendien dat er van ‘dwaling’ geen sprake is. Het is niet omdat de werknemer niet op de hoogte bleek omtrent de verbintenissen die voortvloeien uit zijn arbeidsovereenkomst, dat de dading is aangetast door ‘dwaling’. Een werknemer kan onwetendheid niet inroepen als gebrek in de toestemming bij het sluiten van de dadingsovereenkomst.

De dadingsovereenkomst is dus geldig. Gelet op de afstandsclausules in de overeenkomst, kon de werknemer geen vorderingen meer instellen tegen zijn voormalige werkgever.


Arbeidshof Antwerpen, 26 maart 2007, A.R. 2060185


src="http://www.hrsquare.be/Images/logos/ce.jpg" alt="images" border="0" width="150" height="27" />

images

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen