< Terug naar overzicht

Mag een werknemer zich negatief uitlaten over zijn werkgever op Twitter?

In tijden van sociale media komt het meer en meer voor dat werknemers online-berichten posten die te maken hebben met hun werkgever. Mag een werkgever sanctionerend optreden wanneer een werknemer zich negatief over hem uitlaat op Twitter?

Op 21 april 2009 schreef een dame het volgende op Twitter over haar werkgever: “Ik haat mijn werkgever en alles waarvoor hij staat (…), omdat hij ook mensen haat.” De werkneemster was afwezig wegens ziekte sinds september 2008 en had enkele discussies gehad met haar werkgever over het binnenbrengen van al dan niet vervalste ziektebriefjes. Op 4 mei 2009 deelde zij haar werkgever mee dat ze zwanger was en op 11 mei 2009 werd ze ontslagen om dringende reden wegens het negatieve Twitter-bericht.

Nadat de arbeidsrechtbank van Brussel het ontslag om dringende reden eerst geldig had verklaard, tekende de werkneemster hoger beroep aan, zodat de zaak diende te worden beoordeeld door het arbeidshof van Brussel.

“Met eerbied en achting”

Het arbeidshof van Brussel stelt dat er steeds een afweging moet worden gemaakt tussen, enerzijds, het recht op vrije meningsuiting van iedere werknemer en, anderzijds, de verplichting van werknemers om hun werkgever “met eerbied en achting” te behandelen. Het hof maakt deze afweging, waarbij het in de eerste plaats aanhaalt dat de gemoedstoestand van de werkneemster (wegens de discussies omtrent de al dan niet vervalste ziektebriefjes) geen rechtvaardiging is voor de beledigende toon van het Twitter-bericht.

Het arbeidshof houdt ook rekening met het feit dat de werkneemster een kaderfunctie had en verantwoordelijk was voor de externe communicatie van haar werkgever. Zij behoorde te weten wat de impact van een dergelijk negatief Twitter-bericht is.

Volgens het arbeidshof getuigt het Twitter-bericht van ieder gebrek aan respect voor haar werkgever. Bovendien is de inhoud ervan bijzonder schadelijk voor de werkgever, aangezien hij wordt beschuldigd van haat ten opzichte van mensen in het algemeen. De vrijheid van meningsuiting weegt volgens het hof niet op tegen de verplichting tot eerbied en respect ten aanzien van de werkgever. Het hof is dan ook van oordeel dat het voor de werkgever onmogelijk was om de bewuste werkneemster nog langer in dienst te houden en dat het ontslag om dringende reden dus gegrond was.

Ook de functie is belangrijk

Dit arrest is interessant, aangezien het arbeidshof duidelijk aangeeft met welke elementen men rekening moet houden bij de beoordeling van berichten die door een werknemer via sociale media de wereld worden ingestuurd. Het hof erkent enerzijds het belang van het recht op vrije meningsuiting van iedere werknemer, maar geeft anderzijds duidelijk de grenzen daarvan aan. Hierbij moet rekening worden gehouden met de eerbied en het respect die de werknemer verschuldigd is aan zijn werkgever. Dit moet beoordeeld worden op basis van de concrete inhoud van het bericht.

Ook de concrete functie van de werknemer blijkt belangrijk. Van een kaderlid dat verantwoordelijk is voor de externe communicatie van een bedrijf, kan men verwachten dat hij of zij op de hoogte is van de impact van sociale media en de gevolgen van dergelijke negatieve Twitter-berichten.

Arbeidshof van Brussel, 14 juli 2014, 2012/AB/1126, onuitgegeven

 


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen