< Terug naar overzicht

Kritiek op de werkgever: waar liggen de grenzen?

Werknemers durven zich wel eens negatief uitlaten over hun werkgever. Maar waar ligt nu precies de lijn tussen geoorloofde en ongeoorloofde kritiek en vanaf wanneer rechtvaardigt ongeoorloofde kritiek een ontslag om dringende reden?

Deze vraag heeft betrekking op het delicate spanningsveld tussen enerzijds het recht op vrije meningsuiting van de werknemer en anderzijds de loyauteitsverplichting van de werknemer en het gezag van diens werkgever, dat noodzakelijkerwijze een band van ondergeschiktheid impliceert.

Belang van de functie van de werknemer en het openbaar karakter van de kritiek

Uit de rechtspraak blijkt dat rechters traditioneel rekening houden met de functie van de werknemer en het openbaar karakter van de geuite kritiek.
Bij wijze van voorbeeld kan verwezen worden naar een arrest van het Arbeidshof van Brussel van 14 juli 2014, waarin werd geoordeeld dat het ontslag om dringende reden van een communicatiemanager, die zich in een openbare tweet negatief had uitgelaten over haar werkgever, gerechtvaardigd was.

Het Hof achtte het in deze zaak ongeloofwaardig dat de werkneemster zich niet bewust zou zijn geweest van het openbare karakter van de tweet. Immers, rekening houdend met haar functie moest zij zich bewust zijn van het publiek karakter van de tweet en de mogelijke impact hiervan op de reputatie van de werkgever.

Opzet en bedoeling van de geuite kritiek

In een recent arrest van 9 oktober 2018 lijkt het Arbeidshof van Brussel, naast voormelde criteria, ook rekening te houden met de achterliggende intentie en de ingesteldheid van de werkneemster in kwestie.

In deze zaak had een financieel directeur op hetzelfde moment een vijftal e-mails gestuurd naar de algemeen directeur van een bedrijf, waarin zij haar beklag deed over hem omwille van verschillende feiten en redenen, dit met alle leden van het directiecomit├ę in kopie.
Volgens het Arbeidshof was het duidelijk dat de verstuurde e-mails kaderden in een bewust door de financieel directeur ge├źnsceneerde beschadigingsstrategie van de algemeen directeur. Hoewel het feit dat een werknemer het recht heeft intern kritiek te uiten, mag de geuite kritiek niet zo ver gaan dat hierdoor het werkgeversgezag wordt ondermijnd.
Vermits het duidelijk het opzet was van de werkneemster om de positie van de algemeen directeur te destabiliseren en zij hem bovendien ook persoonlijk had aangevallen in de e-mails, heeft zij iedere verdere samenwerking definitief onmogelijk gemaakt.

In zijn beoordeling tilt het Arbeidshof bovendien bijzonder zwaar aan het feit dat de werkneemster in de e-mails onomwonden had aangegeven dat zij al het vertrouwen in de algemeen directeur kwijt was. Hierdoor concludeerde het Hof dat de werkneemster iedere mogelijke oplossing van het probleem had gehypothekeerd en dat zij haar werkgever hierdoor voor een voldongen feit had geplaatst, wat een ontslag om dringende reden rechtvaardigt.

Anne Wils, Claeys & Engels
Arbeidshof Brussel, 9 oktober 2018, 2016/AB/501

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen