< Terug naar overzicht

Interesten op bruto of netto?

Een recent arrest van het Grondwettelijk Hof heeft paal en perk gesteld aan de aanslepende discussie omtrent de berekening van wettelijke interesten: op het brutoloon of het nettoloon?

Wanneer een werkgever zijn verplichtingen tot het betalen van loon niet nakomt, loopt er van rechtswege interest – men spreekt van ‘wettelijke interest’ – die op dit ogenblik 3,25 procent per jaar bedraagt. Op basis van vaststaande cassatierechtspraak werd deze interest jarenlang berekend op het nettoloon van de werknemer, dus na aftrek van de sociale-zekerheidsbijdragen van de werknemer en na inhouding van de bedrijfsvoorheffing.

KB: interest op brutoloon


In 2002 werd een wetswijziging doorgevoerd, waardoor de interesten verschuldigd zouden zijn op het brutoloon. De inwerkingtreding van deze nieuwe wettelijke regeling werd echter gekoppeld aan een Koninklijk Besluit.
Dit KB kwam er op 3 juli 2005 en bepaalde dat de interesten op het brutoloon moeten worden berekend, indien het recht op dit loon is ontstaan op en na 1 juli 2005.

Onwettig KB?


Dit Koninklijk Besluit leidde echter tot een controverse in de rechtspraak en de rechtsleer. Een bepaalde strekking was van oordeel dat dit KB onwettig was, omdat het ontwerpbesluit niet vooraf voor advies werd voorgelegd aan de Raad van State.
Dit leidde ertoe dat steeds dezelfde discussie aan bod kwam op de arbeidsrechtbanken en arbeidshoven: dienen de verschuldigde interesten te worden berekend op netto of bruto?

'Met terugwerkende kracht'


In 2008 heeft de wetgever getracht om een einde te maken aan de controverse door het KB ‘met terugwerkende kracht’ te bekrachtigen. Jammer genoeg kwam hiermee geen einde aan de onzekerheid. Nadat eerst het KB werd bekritiseerd, maakte ook de wet van 2008 het voorwerp uit van discussies. Bepaalde rechtsleer en rechtspraak stelden de mogelijkheid in vraag van de wetgever om een KB ‘met retroactieve werking’ te bekrachtigen.

Dan toch: bruto


Het Grondwettelijk Hof heeft nu een einde gemaakt aan de controverse met een arrest van 4 februari 2010. Het Grondwettelijk Hof heeft geoordeeld dat de wet, die het KB met terugwerkende kracht heeft bekrachtigd, niet in strijd is met de grondwet, noch met het principe van de niet-retroactiviteit van wetten.
Hiermee lijkt het doek definitief gevallen over de aanhoudende discussie omtrent de berekening van de wettelijke interesten op loon: voor loon waarop het recht is ontstaan op en na 1 juli 2005, moeten de interesten worden berekend op de bruto bedragen.

Grondwettelijk Hof, 4 februari 2010, nr. 6/2010, onuitg.

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen