< Terug naar overzicht

Epilepsie is geen reden om kandidaat-werknemer te weigeren

Een ergotherapeute die lijdt aan epilepsie solliciteerde bij een bejaardentehuis, maar werd niet aangeworven. De reden had volgens haar te maken met haar gezondheidstoestand. Het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding steunde de

De zaak handelt over een vrouw die twee jaar als ergotherapeute heeft gewerkt in een bejaardentehuis in het kader van een vervangingsovereenkomst. Toen de werkneemster die zij verving uit dienst trad, solliciteerde de vrouw voor de vacante betrekking. Haar kandidatuur werd echter niet weerhouden. Tijdens een gesprek met de directrice van het tehuis gaf deze laatste te kennen dat de kandidate niet werd aangeworven omwille van het feit dat ze lijdt aan epilepsie.
Gesteund door het Centrum voor Gelijkheid van Kansen en voor Racismebestrijding stelde de kandidate een stakingsvordering in op grond van de Antidiscriminatiewet van 25 februari 2005. De daaropvolgende beschikking van de voorzitter van de arbeidsrechtbank van Brussel (30 november 2006) is om diverse redenen belangrijk. Het is de eerste beschikking waarin effectief discriminatie werd vastgesteld op basis van de gezondheidstoestand van een kandidaat-werknemer, op grond van de bepalingen van de wet van 25 februari 2003. Bovendien verduidelijkte de voorzitter van de arbeidsrechtbank enkele belangrijke principes m.b.t. de rechten van de sollicitant. Hij benadrukte dat een sollicitant niet verplicht is zijn of haar toekomstige werkgever te informeren over een ziekte of handicap waaraan hij of zij lijdt. Dit behoort immers tot het privé-leven van de sollicitant. De sollicitant is echter wel gehouden deze informatie te verschaffen wanneer de ziekte of handicap de veiligheid van de betrokkene, van zijn collega’s of van derden in het gedrang zou kunnen brengen.
In dit kader verwees de voorzitter tevens naar de bevoegdheid van de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer om – als enige – te oordelen over de geschiktheid van een (kandidaat-) werknemer, rekening houdend met de aard van de functie en met inachtname van het recht op privacy van de (kandidaat-)werknemer. De vrouw werd onderzocht door de preventieadviseur-arbeidsgeneesheer van het bejaardentehuis, die van oordeel was dat de gezondheidstoestand van de vrouw geen gevaar oplevert voor de veiligheid op het werk.
Volgens de voorzitter was dit voldoende om de omkering van de bewijslast toe te passen, zoals bepaald in de Antidiscriminatiewet. Wanneer er feiten worden aangevoerd die een (directe of indirecte) vorm van discriminatie doen vermoeden, moet de ‘verdachte’ kunnen aantonen dat er geen sprake is van discriminatie. In dit geval probeerde de directrice van het bejaardentehuis aan te tonen dat er andere, objectief verantwoorde redenen waren waarom de kandidatuur van de vrouw niet werd weerhouden. De voorzitter van de arbeidsrechtbank oordeelde echter dat er onvoldoende bewijzen werden aangebracht, zodat de ingeroepen discriminatie op grond van de gezondheidstoestand van de vrouw werd vastgesteld.

images
images

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen