< Terug naar overzicht

Britten in België, wat na de Brexit?

Brexit: wat zijn de mogelijke gevolgen en welke maatregelen kunnen Britten die in België wonen en werken nu al nemen?

Nu de Britse premier Theresa May het beruchte artikel 50 van het VEU (Verdrag betreffende de Europese Unie) heeft ingeroepen, is er geen weg meer terug: het Verenigd Koninkrijk zal de Europese Unie verlaten. Vele gevolgen van deze uittreding zijn nog onbekend, zo ook de gevolgen voor de Britse onderdanen die op dit moment werken en verblijven in België. In ieder geval zullen de Britten in principe ‘derdelanders’ worden tegenover de EU, met alle gevolgen van dien voor hun recht om in België te blijven wonen en werken. De veiligste (maar ook de meest radicale) optie voor een Brit om deze rechten veilig te stellen, is ongetwijfeld het aanvragen van de Belgische nationaliteit.

Bij gebrek aan een afwijkend akkoord met de EU, worden Britten onmiddellijk derdelanders tegenover de EU zodra het Verenigd Koninkrijk de EU verlaat. Dit betekent dat zij, net zoals bijvoorbeeld een Amerikaan, Chinees of Mexicaan, een arbeidskaart nodig zullen hebben om hier te werken (tenzij een vrijstelling van toepassing is), en eveneens een verblijfsvergunning voor lang verblijf zullen moeten aanvragen indien zij langer dan 90 dagen in een periode van 180 dagen in de Schengenzone (en dus ook in België) willen verblijven.

Wat betreft het kort verblijf, is het niet onwaarschijnlijk dat Britten op basis van hun paspoort (zonder visum) naar België zullen kunnen reizen, zoals sommige andere derdelanders (bijvoorbeeld Amerikanen).

Werkgever moet verblijfsstatus kennen

Het is voor de werkgever belangrijk om een eventuele wijziging van de verblijfsstatus van Britse werknemers op te volgen. De werkgever moet immers op de hoogte zijn van de exacte verblijfsstatus van zijn werknemers, aangezien hij de verplichting heeft om voor derdelanders steeds een kopie van de geldige verblijfsvergunning bij te houden.

Bovendien moeten vreemde werknemers vanzelfsprekend steeds over een arbeidskaart beschikken. Zo niet kunnen de werkgever belangrijke strafsancties worden opgelegd.

Niet altijd een arbeidskaart nodig

Wel zal een Brit wellicht geen arbeidskaart nodig hebben indien hij een beroep kan doen op een vrijstelling. Eén van deze vrijstellingen is het beschikken over een verblijf van onbepaalde duur. Zo zal naar alle waarschijnlijkheid de Brit die momenteel over een E+-kaart beschikt vrijgesteld zijn van een arbeidskaart. De E+-kaart is een verblijfskaart voor Unieburgers van onbepaalde duur, die elke 5 jaar hernieuwd wordt en aangevraagd kan worden na een verblijf van minimaal 5 jaar in België. Op die manier beschikt de Brit ook meteen over een duurzaam verblijf in België.

Een Brit die getrouwd is, wettelijk samenwoont met een EU-burger of een gelijkgesteld partner is van een EU-burger (bijvoorbeeld een Brit die getrouwd is met een Spaanse), zal eveneens vrijgesteld zijn van een arbeidskaart. De Brit moet wel over de correcte verblijfsdocumenten beschikken. Deze vrijstelling is vooral nuttig voor Britten die nog geen duurzaam en zelfstandig verblijfsrecht kunnen aanvragen in België aangezien zij nog geen 5 jaar in België verblijven.

En kan de Brit dan niet gewoon Belg worden?

Ten slotte kan een Brit vanzelfsprekend ook de Belgische nationaliteit aanvragen. Op die manier heeft hij in ieder geval een geldig en duurzaam verblijfsrecht en heeft hij evenmin een arbeidskaart nodig. Een Brit die reeds geruime tijd woont en werkt in België, kan Belg worden als hij geïntegreerd is in België, wat betekent dat hij moet voldoen aan de volgende voorwaarden:

  • Hij is meerderjarig.
  • Hij heeft meer dan 5 jaar een ononderbroken wettelijk verblijf en hoofdverblijfsplaats in België.
  • Hij heeft een verblijfsrecht van onbeperkte duur op het moment van de aanvraag.
  • Hij bewijst zijn maatschappelijke integratie. Het feit dat een Brit minimaal ononderbroken 5 jaar heeft gewerkt in België als werknemer/zelfstandige, bewijst de maatschappelijke integratie.
  • Hij bewijst zijn talenkennis. Het bewijs van maatschappelijke integratie geldt als bewijs van talenkennis.
  • Hij bewijst zijn economische participatie. Hiervoor moet hij de voorbije 5 jaar minimaal 468 arbeidsdagen gewerkt hebben als werknemer. Of hij moet als zelfstandige in hoofdberoep de voorbije 5 jaar minstens 6 kwartalen de verschuldigde sociale kwartaalbijdragen voor zelfstandigen in België hebben betaald.

De Brit moet ook een nationaliteitsverklaring afleggen bij de burgerlijke stand van de gemeente waar hij woont. Hij dient daartoe de volgende documenten in te dienen:

  • Het bewijs van een onafgebroken wettig en hoofdverblijf in België in de laatste 5 jaar.
  • Het bewijs van een verblijfsrecht van onbeperkte duur op het moment van de aanvraag.
  • Een geboorteakte of vervangend document.
  • Het bewijs van de betaling van een registratierecht (op dit moment 150 euro).
  • Het bewijs van maatschappelijke integratie (in casu bewijs tewerkstelling).
  • Het bewijs van economische participatie (individuele rekeningen/bewijs betaling sociale kwartaalbijdragen voor zelfstandige).
  • Het bewijs van talenkennis (geleverd door het bewijs van maatschappelijke integratie).

De ambtenaar van burgerlijke stand neemt de aanvraag in ontvangst indien deze volledig is en stuurt een kopie van het dossier door naar het parket van de rechtbank van eerste aanleg, de dienst Vreemdelingenzaken en de Staatsveiligheid. Het parket beschikt over 4 maanden om een bindend advies te geven over de nationaliteitsverklaring, waarna het dossier wordt teruggestuurd naar de gemeente.

Indien het parket zich niet verzet tegen de nationaliteitsverklaring of een eenvoudige ontvangstmelding stuurt, krijgt de Brit de Belgische nationaliteit en heeft hij dus geen arbeidskaart en verblijfskaart meer nodig.

Wat nu?

Indien het onmogelijk of onwenselijk is om een nationaliteitsverklaring te doen, noch om een verblijf van onbepaalde duur te verkrijgen en er evenmin een vrijstelling van een arbeidskaart mogelijk is, zal er in principe een arbeidskaart aangevraagd moeten worden (vaak een arbeidskaart B voor hooggeschoold personeel) voor de Brit-derdelander. Hij zal bovendien een verblijfsvergunning op basis van zijn arbeidskaart moeten aanvragen in geval van lang verblijf.

Vanzelfsprekend is het steeds mogelijk dat de EU en het Verenigd Koninkrijk een bijzonder statuut overeenkomen voor de tewerkstelling en het verblijf van hun respectievelijke onderdanen. Gezien de huidige onzekerheid hierover, kan alleen maar aangeraden worden aan Britten om ofwel een verblijf voor onbepaalde duur aan te vragen, ofwel de Belgische nationaliteit aan te vragen teneinde hun recht op wonen en werken in België veilig te stellen.

Auteurs: Sophie Maes en An De Wever (Claeys & Engels)

 


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen