< Terug naar overzicht

Bijzondere ontslagprocedure in ondernemings-cao? Cao 109 niet van toepassing!

Een werkneemster werd ontslagen met betaling van een opzeggingsvergoeding wegens ondermaatse prestaties. Hierna vorderde zij een schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag op basis van de cao 109 omdat haar ontslag te wijten zou zijn aan haar voornemen een pestprocedure op te starten.

Een kennelijk onredelijk ontslag wordt door cao nr. 109 gedefinieerd als ‘een ontslag van een werknemer die is aangeworven voor onbepaalde tijd, dat gebaseerd is op redenen die geen verband houden met de geschiktheid of het gedrag van de werknemer of die niet berusten op de noodwendigheden inzake de werking van de onderneming, de instelling of de dienst en waartoe nooit beslist zou zijn door een normale en redelijke werkgever’. In geval van een kennelijk onredelijk ontslag is de werkgever aan de werknemer een schadevergoeding gelijk aan 3 tot 17 weken loon verschuldigd.

Cao 109 is echter niet van toepassing op de werknemers die het voorwerp uitmaken van een ontslag waarvoor de werkgever een bijzondere ontslagprocedure vastgelegd bij de wet of een collectieve arbeidsovereenkomst moet naleven.

In dit geval was de werkgever gebonden door een ondernemings-cao die voorzag in een bijzondere ontslagprocedure. Op basis hiervan mocht pas worden overgegaan tot ontslag om niet-economische redenen na het voeren van bijsturingsgesprekken en het volgen van een formeel verbeteringstraject. Volgens de werknemer had de werkgever de procedure niet volledig correct nageleefd. De cao voorzag bovendien niet in enige specifieke sanctie in geval van niet-naleving.

De arbeidsrechtbank sprak zich eerst uit over wat onder een ‘bijzondere ontslagprocedure’ moet worden begrepen en besliste dat het moet gaan om een procedure die moet worden gevolgd vooraleer tot ontslag kan worden overgegaan. Vervolgens besliste de arbeidsrechtbank dat de uitsluiting van de cao 109 niet enkel van toepassing is op sectorale cao’s, maar ook op ondernemings-cao’s. Bovendien volstaat het voor de arbeidsrechtbank dat een ontslagprocedure werd vastgelegd om van het toepassingsgebied van de cao 109 te worden uitgesloten en is het hierbij niet van belang:

  • of de ontslagprocedure gelijke of gelijkwaardige waarborgen biedt op het vlak van ontslagmotivering
  • of de werknemer wordt beschermd in geval van niet-naleving van de ontslagprocedure in de ondernemings-cao
  • of de werkgever de ontslagprocedure effectief heeft nageleefd.

De arbeidsrechtbank oordeelde dan ook dat aangezien de werkgever een bijzondere ontslagprocedure moest naleven die werd vastgelegd in een ondernemings-cao, het ontslag van de werkneemster niet onder het toepassingsgebied van de cao 109 viel, waardoor zij geen recht had op een schadevergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag.

Lopende de procedure stelde de werkneemster een bijkomende vordering in tot het verkrijgen van een burgerrechtelijke schadevergoeding wegens de niet-naleving van de in de ondernemings-cao voorziene ontslagprocedure. Deze vordering was echter laattijdig ingesteld en dus verjaard.

Deze uitspraak is definitief.

Nederlandstalige arbeidsrechtbank Brussel 24 juli 2018, A.R. 17/1167/A

 

Hanne Pauwels
Advocaat
Claeys & Engels

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen