< Terug naar overzicht

Bewijs van overuren is moeilijk, maar niet onmogelijk

Wie een vordering instelt voor de rechtbank draagt de volledige bewijslast. Dit geldt ook voor een werknemer die meent aanspraak te kunnen maken op achterstallig loon en/of loon voor gepresteerde overuren. Deze bewijsvoering blijkt in de praktijk evenw

Een werknemer beweerde dat hij recht had op achterstallig loon en loon voor overuren. De werkgever betwistte deze vordering en merkte op dat de werknemer het bewijs moest leveren van de ingeroepen overuren. Opdat de werknemer recht zou hebben op overloon, moest hij eerst kunnen bewijzen dat hij meer dan 9 uur per dag of 38 uur per week had gewerkt. In principe moest hij ook de omvang van het gepresteerde overwerk kunnen aantonen.

De werknemer probeerde dit bewijs te leveren door te verwijzen naar de openingsuren van de winkel waar hij werkte als verkoper. Het Arbeidshof van Gent oordeelde echter dat de openingsuren op zich geen voldoende bewijs leveren van eventueel gepresteerde overuren.

De werknemer legde verder ook geschreven en ondertekende verklaringen voor van collega-werknemers, die bevestigden dat hij regelmatig overuren moest presteren. Het Arbeidshof oordeelde echter dat de voorgelegde verklaringen te weinig gedetailleerd en onvoldoende eensluidend waren om het ontbrekende bewijs te leveren.

Om de werknemer toe te laten het ontbrekende bewijs te leveren, gaf het Arbeidshof hem de toelating een getuigenverhoor te organiseren. Diverse getuigen bevestigden onder ede dat de werknemer regelmatig overuren had gepresteerd. Het Arbeidshof oordeelde dat het getuigenverhoor volstond als bewijs van het feit dat de werknemer inderdaad overuren had gepresteerd. Het antwoord op de vraag hoeveel overuren er in werkelijkheid werden gepresteerd, bleef echter onduidelijk, ook na het getuigenverhoor. Omdat het niet mogelijk was precies te achterhalen hoeveel overuren er werden gepresteerd, oordeelde het Arbeidshof in een arrest van 14 februari 2007 dat de vordering tot betaling van achterstallig (over)loon naar redelijkheid diende te worden geraamd.

De arbeidshoven en -rechtbanken stellen zich echter niet altijd even soepel op, wat blijkt uit een vonnis van 4 april 2007 van de arbeidsrechtbank van Antwerpen. Zij benadrukte dat een werknemer die achterstallig overloon vordert de omvang van het gepresteerde overwerk moet kunnen aantonen. Een eenzijdig opgesteld prestatieoverzicht dat werd opgemaakt op het einde van de tewerkstelling, komt volgens de arbeidsrechtbank niet in aanmerking als bewijs. Ook timesheets kunnen niet in aanmerking worden genomen aangezien zij enkel bestemd waren voor de facturatie en niet voor het bijhouden van de arbeidstijd. De opmerking van de werknemer dat hij nooit een middagpauze had genomen, werd evenmin weerhouden. De arbeidsrechtbank weigerde hiermee rekening te houden omdat het arbeidsreglement van de werkgever wel degelijk een middagpauze oplegde aan de werknemers.

images
images

Lees meer over


< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen