< Terug naar overzicht

Wat willen uitzendkrachten? (En wat denken ze over uitzendwerk?)

In het rapport ‘Uitzendkrachten in 2009: profiel en tevredenheid’ valt vooral de grote verscheidenheid aan uitzendkrachten op. De studie ging tevens na of uitzendkrachten zelf wel tevreden zijn over uitzendwerk. De uitzendkracht in België: wie is hij, waar werkt hij, hoe denkt hij over werk?

Eind 2009 heeft IDEA Consult op vraag van beroepsfederatie Federgon een onderzoek uitgevoerd en een analyse gemaakt van de omvang van de activiteiten in de uitzendsector, het profiel van de uitzendkrachten, de kenmerken van hun tewerkstelling en hun tevredenheid over uitzendarbeid. We overlopen de opvallendste resultaten en conclusies.

Omvang uitzendarbeid


In totaal waren er over de onderzoeksperiode (2009Q1-2009Q3) 272.696 unieke uitzendkrachten aan de slag (exclusief jobstudenten).

Exclusief jobstudenten, waren er gemiddeld per kwartaal 90.899 unieke uitzendkrachten tewerkgesteld over de onderzoeksperiode (2009Q1-2009Q3) t.o.v. 95.547 per kwartaal over de periode 2007 en 95.652 per kwartaal over de periode 2008.

De daling van het gemiddeld aantal tewerkgestelden per kwartaal in 2009 t.o.v. 2008 en 2007 kan verklaard worden door de economische crisis die begin 2009 de uitzendsector sterk heeft getroffen.

Profiel van de uitzendkrachten


De meeste uitzendkrachten zijn:
- Alleenstaand zonder personen ten laste (44 procent).
- Middengeschoold (42 procent).
- Van Belgische nationaliteit (83 procent).
- Van Europese etniciteit (81 procent).

Er zijn echter grote verschillen te merken naar regio. Het profiel van de uitzendkrachten is ook wat geëvolueerd sinds de laatste profielonderzoeken:
- Daling van het aandeel Belgen (86 procent in 2006 en 89 procent in 2003).
- Daling van het percentage middengeschoolden (57 procent in 2006).
- 18,4 procent van de uitzendkrachten verricht uitzendarbeid als een bij-activiteit.

Beroepsituatie vóór de uitzendopdracht


Vóór de huidige uitzendopdracht waren de uitzendkrachten die uitzendarbeid als hoofdactiviteit verrichten:
- 31,6 procent werkzoekend.
- 23,9 procent contract van onbepaalde duur.
- 16,1 procent uitzendarbeid.
- 8,9 procent student.

Wat de duur van de werkloosheid vóór de uitzendactiviteit betreft, zijn er meer kortdurige (<1jaar) werklozen nu (81 procent) dan in 2006 (72,5 procent), maar minder dan in 2003 (85,1 procent).

Beroepsverleden als uitzendkracht


24 procent van de bevraagde uitzendkrachten zijn ‘nieuwe’ uitzendkrachten (in 2009 voor het eerst aan de slag als uitzendkracht).
De belangrijkste kanalen om zich als uitzendkracht in te schrijven zijn vooral informele kanalen en internet.

De belangrijkste informele kanalen zijn:
- Familie/vrienden (30 procent).
- Spontane sollicitatie (30 procent).

De belangrijkste formele kanalen zijn:
- Internet (33 procent).
- Op vraag van het bedrijf waar gesolliciteerd werd is ook belangrijk (17 procent).

Kenmerken van de uitzendopdracht


Duur van de opdracht: meestal minder dan 1 week (24,3 procent).

Sector waar uitzendkrachten tewerkgesteld zijn:
- Diensten (55 procent).
- Industrie (36 procent).

Ten gevolge van structurele evoluties en de economische crisis van begin 2009 daalt het belang van de industriële sector (45 procent in 2003) ten gunste van de tertiaire sector (43 procent in 2003).

Functies waar uitzendkrachten tewerkgesteld zijn


- Arbeiders: inpakker is de belangrijkste functie (10 procent).
- Bedienden: administratieve medewerkers belangrijkste functie (16 procent).

Zowel arbeiders (84 procent), als bedienden (72 procent) hebben voornamelijk een uitvoerend niveau.
9 procent in leidinggevende functie (54 procent hiervan heeft leiding over 0 tot 5 werknemers).

Motieven om als uitzendkracht te werken


Volgende motieven zijn de belangrijkste motieven in dalende orde voor het verrichten van uitzendarbeid voor de totale groep uitzendkrachten:
- Beter dan werkloos te zijn.
- Opstap naar vast werk (stijgend belang t.o.v. 2006 en 2003).
- Financiële noodzaak.
- Bieden van mogelijkheden in moeilijke tijden.
- Werkervaring opdoen.

Volgende motieven winnen in belang bij de uitzendkrachten die uitzendarbeid als bij-activiteit verrichten:
- Bepalen welke periodes ik wil werken.
- Voor de afwisseling.
- Vrijheid om het aangeboden werk te aanvaarden.

Tevredenheid over het werken als uitzendkracht


Hoge tevredenheid over het werken als uitzendkracht:
- 78 procent van de bevraagde uitzendkrachten is tevreden tot zeer tevreden over het werken als uitzendkracht.
- 81 procent zou uitzendarbeid aanraden aan familie, vrienden of kennissen.
- 80,5 procent zou in de nabije toekomst nog willen werken als uitzendkracht.

Positieve stellingen over uitzendarbeid halen grotere scores dan negatieve stellingen.

De meeste aspecten in verband met het aangeboden werk, loon- en arbeidsvoorwaarden en de werking van uitzendbureaus worden positief geëvalueerd door uitzendkrachten.

Uitzendkrachten zijn er ook meer van overtuigd dat uitzendarbeid meer mogelijkheden biedt om aan de slag te blijven in tijden van economische crisis dan dat uitzendarbeid in tijden van economische crisis onvoldoende werkzekerheid biedt.

Voor alle vragen rond tevredenheid blijken volgende categorieën het meest tevreden te zijn over uitzendarbeid in het algemeen:
- Uitzendkrachten die uitzendarbeid als bijactiviteit uitoefenen.
- Jonger dan 25 en ouder dan 45.
- Bedienden.
- Belgen.
- Uitzendkrachten die in Vlaanderen wonen.
- Laaggeschoolden.

Het vinden van vast werk


40,4 procent van de uitzendkrachten die uitzendarbeid als hoofdactiviteit uitoefent en niet meer aan de slag was als uitzendkracht op het moment van de bevraging, heeft vast werk gevonden na het aflopen van zijn uitzendopdracht.

Dit is lager dan in vorige studies (63 procent in 2006), maar kan deels verklaard worden door het verschil in methodologiëen en de economische crisis van begin 2009.

Rekening houdend met deze twee factoren, is het instroompercentage vanuit uitzendwerk naar vast werk aanzienlijk hoog.

60 procent van de uitzendkrachten die vast werk hebben gevonden, heeft vast werk gevonden in het bedrijf van tewerkstelling als uitzendkracht.
72 procent van degenen met vast werk in zicht, heeft dit in zicht in het bedrijf waar men tewerkgesteld is als uitzendkracht.

De aangeboden contracten zijn typisch meer van onbepaalde duur.

Niet homogeen


Een belangrijke conclusie uit dit onderzoek is dat de populatie van de uitzendkrachten een groep vormt die allesbehalve homogeen is. Er zijn grote verschillen in de motieven om uitzendarbeid te verrichten, maar ook in de gebruikte kanalen om zich als uitzendkracht in te schrijven, de beroepssituatie vóór de uitzendarbeid, het al dan niet zoeken naar vast werk, het al dan niet vinden van vast werk, de tevredenheid en dies meer, naargelang uitzendarbeid wordt verricht als hoofd - of bijactiviteit, en naargelang van het gewest, het statuut, de leeftijd, de nationaliteit en het scholingsniveau van de uitzendkracht.

Globaal genomen kunnen we op basis van dit rapport voorstellen om de uitzendkrachten in volgende categorieën te clusteren:

- De studenten, die uitzendarbeid verrichten als bijverdienste.
- De 'opstappers', die uitzendarbeid beschouwen als een opstap naar vast werk (hierin worden ook ‘ontevreden’ - 25-30’ers opgenomen die vast werk willen vinden en wat kritischer zijn over uitzendarbeid/de arbeidsmarkt).
- De ‘young professionals’, de enthousiaste jongeren die uitzendarbeid verrichten om werkervaring op te doen.
- De ‘flexprofessionals’, die niet op zoek zijn naar vast werk, maar uitzendarbeid verrichten voor de afwisseling.
- De ‘doorstarters’, die na een aarzelend begin van hun carrière (korte of lange periode van werkloosheid) liever uitzendarbeid verrichten dan werkloos te zijn.
- De 'ouderen', die uitzendarbeid minder zien als een opstap naar vast werk, maar meer als een bijverdienste.

Bron: Federgon

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen