< Terug naar overzicht

Waar rook is, is vuur

Mag u roken in een bedrijfsvoertuig waarvan u de enige gebruiker bent? Mag een ober een sigaret opsteken in de rookzone van een horecazaak? In Waar rook is, is vuur licht Joris De Wortelaer de jongste rookwet toe die hij met concrete situaties verduidelijkt en aflijnt. De werkgever blijkt veel te mogen verbieden.

Joris De Wortelaer is als human resource manager van de ING Group verantwoordelijk voor het sociaal recht in de regio Zuid-West-Europa en is assistent aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit Brussel. Hij is consultant en regelmatig publicist over sociaal recht. In de gekende Kluwer-formule licht hij kort en krachtig toe, met heldere voorbeelden, wat kan en niet kan op het vlak van roken in de onderneming. Hij waarschuwt wel voor een klopjacht op rokers. Met hun gevoeligheden moet de werkgever ook rekening houden.

De Wortelaer bespreekt het Koninklijk Besluit van 19 januari 2005, waarin het inhoudsloze ‘hoffelijkheidsbeleid’, dat tevergeefs rekende op de goodwill van de roker, vervangen wordt door een “moedig” (dixit De Wortelaer) ‘recht op een rookvrije werkplaats’, dat inging op 1 januari 2006. Dat kan u lezen als een rookverbod op het werk, behalve in daartoe bestemde bedrijfsruimtes. De werkgever kan met zelfgekozen verbodsbepalingen redelijk ver gaan. De Welzijnswet staat hem dat toe. De term ‘werknemerswelzijn’ in die wet gaat uit van een rookvrije werkomgeving. Het roken tast het werknemerswelzijn aan: de werkgever zou nopens de Welzijnswet louter omwille van dit feit de nodige maatregelen moeten treffen. Passiviteit is een inbreuk op de werkgeversplicht tot bevordering van het werknemerswelzijn.

Het KB, de ‘rookwet’ dus, voorziet in een aantal uitzonderingen van plaatsen waarop wel gerookt mag worden. Dat zijn bijvoorbeeld ‘gesloten plaatsen waar voedingsmiddelen en/of dranken ter consumptie worden aangeboden en waarvan de oppervlakte niet meer dan 50m² bedraagt’, lees: kleine horecazaken. De opheffing van het verbod geldt dan wel enkel in de publieke zone, waar klanten zelf mogen roken. Toch laat de Welzijnswet toe dat de werkgever de ober van deze horecazaak het actief roken verbiedt omdat hij oordeelt dat dit de gezondheid van zijn werknemer schaadt. Het Koninklijk Besluit is ondergeschikt aan de Welzijnswet.

Wat mag er in bedrijfsvoertuig? Men zou kunnen zeggen dat een bedrijfswagen een looncomponent is en dat de werknemer vrij over zijn loon mag beschikken en dus in de auto mag roken als hij dat wil. Aan de andere kant is het voertuig een arbeidsmiddel dat in goede staat moet worden afgeleverd en dat kan moeilijk worden als de bestuurder erin rookt. Er ontstaat geurhinder of de binnenbekleding geraakt beschadigd. De werkgever kan ook opnieuw vanuit de Welzijnswet het roken in de wagen uit gezondheidsredenen verbieden. Als het voertuig door verschillende werknemers wordt gebruikt, ligt de zaak eenvoudiger. Wie de auto van een roker stapt, zit niet meer in de rookvrije werkruimte waar hij recht op heeft.

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen