< Terug naar overzicht

Vrouwen verdienen minder

Naar aanleiding van internationale vrouwendag stelde de FOD Economie het sociaaleconomisch profiel op van de vrouw. Wat blijkt? Vrouwen blijven vaker thuis, werken veel meer deeltijds, verdienen minder en zijn vaker arm.

De FOD Economie becijferde enkele opvallende sociaaleconomische verschillen tussen mannen en vrouwen:



Vrouwen blijven vaker thuis en werken meer deeltijds

Terwijl twee derde van de mannen (68,7%) betaald werk levert, is slechts iets meer dan de helft van de vrouwen (54,9%) actief op de arbeidsmarkt.

Bij de mannelijke loontrekkenden werkt slechts 7,8% deeltijds, bij de vrouwen 43%.

Sinds 1986 is het aantal deeltijds loontrekkende mannen gestegen met 5,7%. Bij de vrouwen bedroeg deze toename 17,9%.




Vrouwen verdienen minder dan mannen

Werkende vrouwen verdienden in 2005 nog altijd 15% minder dan mannen. De loonkloof daalde wel met 2,5% ten opzichte van het jaar 2000.

Waar één op de vier mannen een bruto maandloon heeft dat lager ligt dan 2000 euro, bedraagt dit aantal bij de vrouwen 42,6%. Bijna een vijfde van de mannen (19,4%) verdient ten minste 3500 euro per maand, terwijl dit bij vrouwen slechts 10,3% is.




De gezinssituatie speelt een rol

Het al dan niet hebben van kinderen beïnvloedt in grote mate de omvang van het loon dat een vrouw ontvangt. Een alleenstaande kinderloze vrouw verdiende in 2005 gemiddeld 2561 euro per maand, een getrouwde vrouw zonder kinderen kreeg 2420 euro. Een vrouw met partner en met ten minste één kind ontving 2376 euro en een alleenstaande vrouw met kind 2360 euro. Bij de mannen is de situatie verschillend. Voor mannen is het vooral belangrijk om een partner te hebben (alleenstaande mannen verdienen gemiddeld 10% minder dan hun getrouwde collega’s), terwijl de aanwezigheid van kinderen geen impact heeft op de verloning. Alleenstaande vrouwen met kinderen hebben het moeilijker dan anderen op de arbeidsmarkt. Hun werkgelegenheidsgraad bedraagt slechts 65,2%. Ze lopen bovendien een hoger risico om onder de armoedegrens terecht te komen.




Typische vrouwenberoepen blijven bestaan

Er zijn nog steeds typische vrouwenberoepen die voor bijna 100% uitgeoefend worden door vrouwen zoals huishoudelijke schoonmaakster, kleuterleidster, kinderoppas en gezinshelpster,… In andere beroepen is het aantal vrouwen dan weer verwaarloosbaar klein: bestuurder van grondwerk- en bouwmachines, bouwvakker, elektricien, timmerman, loodgieter,…

Een aantal beroepen is tussen 1993 en 2006 wel sterk vervrouwelijkt: verantwoordelijke verkoop, advocaat, politieagent, (expert)boekhouder en bediende openbare diensten. Ook het beroep van postbode, arts, bakker en leerkracht lager onderwijs vervrouwelijkt sterk.

Toch zijn er een beperkt aantal beroepen waarvan het aandeel vrouwen vermindert. Dit geldt voor het beroep van telefonist, kleinhandelaar, inpakker, kok en informaticus. Ook beroepen als maatschappelijk assistent, winkelbediende, hotel-, restaurant- en caféhouder en verpleger worden mannelijker.

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen