< Terug naar overzicht

Meer werken is meer leren

Een jaar werken heeft ongeveer een even groot effect op iemands kennisontwikkeling als driekwart jaar studeren. Jongeren die werken krijgen hierdoor een enorme voorsprong op degene die niet of deeltijds werken. Tot die conclusie komen wetenschappers van de Universiteit Maastricht.

Beleidsmaatregelen die zich richten op het stimuleren van het formele leren, bereiken slechts op een klein deel van het leerproces van mensen. Onderzoekers van het Maastrichtse Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) tonen het belang aan van informeel leren tijdens het werk. Lex Borghans, Bart Golsteyn en Andries de Grip baseren hun conclusie op een studie die zij publiceerden in het tijdschrift ESB.

De onderzoekers brachten het leerproces en de kennisontwikkeling van de Nederlandse bevolking van 16 jaar en ouder in kaart. Om naast het formele leren (zoals deelname aan cursussen en trainingen) ook het informele leren te meten, ontwikkelden zij nieuwe meetinstrumenten voor informeel leren en kennisontwikkeling. Gemiddeld verrichten werkenden in Nederland gedurende 31% van hun werktijd leerzame werkzaamheden. Uitgaande van een fulltime functie van 1740 uur per jaar betekent dit dat fulltimers per jaar ongeveer 540 uur besteden aan werkzaamheden waarvan zij kunnen leren. De gemiddeld 37 uur die werkenden jaarlijks aan formele cursussen en trainingen besteden steken daar schril bij af: dat is slechts 6% van de totale leertijd. Met andere woorden: 94% van de tijd waarin werkenden leren, heeft betrekking op het informele leren op het werk. De conclusie dat het formele leren slechts de top van de ijsberg van het totale leren betreft, is van groot belang in het kader van een beleid gericht op ‘levenslang leren’. Het onderzoek toont aan dat er naast het huidige beleid - gericht op het stimuleren van formeel leren - veel meer oog moet zijn voor het stimuleren van het aannemen en behouden van werk.

In het onderzoek is ook de kennisontwikkeling van werkenden gedurende hun levensloop in kaart gebracht. Daarvoor werd het niveau dat iemand nodig heeft om zijn werk optimaal te kunnen verrichten op 100 gezet. Bij jongeren blijkt de kennisontwikkeling in twee jaar tijd met 20% toe te nemen. Op de leeftijd tussen 25 en 30 jaar daalt de kennistoename naar 10% in twee jaar tijd. Daarna neemt de kennistoename geleidelijk verder af.

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen