< Terug naar overzicht

Loon naar werken?

Nauwelijks één op de vijf Vlaamse werknemers krijgt een prestatiebonus uitbetaald. Ruim 70% van de werknemers komt zelfs niet in aanmerking voor een dergelijke indirecte beloning.

Die cijfers staan in een rapport van de Sociaal-Economische Raad van Vlaanderen (Serv) over de toepassing van prestatiebeloning in het Vlaamse bedrijfsleven, dat vorige vrijdag werd voorgesteld. Het onderzoek van de studiecel van de Serv, STV- Innovatie & Arbeid, is gebaseerd op een uitgebreide literatuurstudie, een webenquête bij meer dan 1700 werknemers, een telefonische enquête bij bedrijven en organisaties en 17 casestudies.

Uit de webenquête blijkt dat 27% van de Vlaamse werknemers na een beoordelings- of functioneringsgesprek een extra beloning kan krijgen voor zijn geleverde prestaties of verworven competenties. Voor liefst 39% van de werknemers bestaat er wel een beoordelingsgesprek, maar zonder enige kans op het verwerven van een extra loon. Uit de telefonische enquête blijkt dat prestatiebeloning aanwezig is in 32% van de bedrijven en organisaties.

De extra beloning bestaat iets vaker uit een loonsverhoging (11%) dan een bonus of premie (8%). Slechts 9% van de werknemers kan een loonsverhoging én een bonus krijgen. Dit betekent dat vaste prestatiebeloning meer voorkomt dan de variabele variant.

Vaak worden zowel geleverde prestaties als verworven competenties beoordeeld. Zuivere competentiebeloning komt weinig voor. Dat geldt ook voor collectieve prestatiebeloning: meestal (18%) wordt beloond op basis van louter individuele prestaties, in 10% van de gevallen wordt beloond op basis van collectieve prestaties (als team, afdeling of bedrijf).

Er zijn verschillen naargelang van het werknemersprofiel. Prestatie- en/of competentiebeloning komt het minst voor bij bedienden (24%) en arbeiders (19%). Aan de hand van de cases komt men tot twee verklaringen. Ten eerste spelen in een aantal bedrijven de vakbonden een belangrijke rol. Zij pleiten, zeker bij arbeiders, voor eenzelfde beloning voor iedereen, voor behoud van de huidige verworvenheden, voor zekerheid van het loon. Ten tweede stellen een aantal bedrijven dat routinearbeid zich moeilijk leent tot differentiatie en dus ook tot individuele prestatiebeloning. Het belonen van prestaties zou eerder iets zijn voor gespecialiseerde functies. Uit de cases blijkt ook dat indien arbeiders of bedienden toch variabel worden beloond, het vooral om uitzonderlijke of eenmalige bonussen gaat.

Prestatie- en/of competentiebeloning komt het meest voor bij professionals en kaderleden (46%). Variabele prestatiebeloning komt het meest voor bij kaderleden, één op de drie kaderleden kan een bonus krijgen. Meestal geldt het principe dat hoe hoger in de hiërarchische structuur, hoe omvangrijker het variabele deel in het totale loon.


Bron: Serv-bericht nr.1 2008.


Meer info? De STV-brochure en het STV-informatiedossier over dit onderzoek kunt u downloaden of bestellen via de website www.serv.be/stv onder publicaties.

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen