< Terug naar overzicht

Help, mijn telewerker is niet thuis

Twee enquêtes brengen de werkelijke situatie van telewerkers én de houding van hun werkgevers in kaart.

Zowat 150.000 Belgen doen geregeld telewerk. In de Europese Unie verdubbelde het aantal telewerkers de voorbije drie jaar tot 20 miljoen. Dat komt neer op 13% van de totale Europese beroepsbevolking in de privé-sector. België houdt het op ruim 10%. De cijfers stammen van twee enquêtes, een Europese van het Duitse centrum voor communicatie- en technologie-onderzoek Empirica, en een Belgische rondvraag van Alcatel en onderzoeksbureau InSites.
De cijfers lijken overdreven, maar niet alle telewerkers verrichten hun werk thuis (zowat de helft) en slechts een minderheid (15%) is voltijds telewerker. Empirica onderscheidt vier soorten telewerk:


1. Thuistelewerk: werknemers die ten minste één dag per week thuis werken.
2. Supplementair telewerk: enkele uren die bovenop de voltijdse bezigheid op het werk thuis nog worden geklopt.
3. Mobiele telewerker: het kaderlid op zakenreis met toegang tot het bedrijfsnetwerk via het internet.
4. Zelfstandige telewerkers.


De sterke stijging van het aantal telewerkers is niet op rekening van de klassieke thuistelewerkers te schrijven, maar des te meer op naam van de overige drie categorieën. Dat heeft vooral te maken met de nieuwe telecommunicatietechnieken. Flexibeler werktijden, klantenbinding en zelfstandigheid spelen echter ook een rol.
Van de niet-telewerkers heeft slechts één op twintig absoluut geen belangstelling voor deze arbeidsvorm. Zo’n 16% heeft geen interesse. Als de omstandigheden goed zijn, ziet 46% telewerk wel zitten en 34% is sowieso sterk geïnteresseerd. Hoe groter de irritatie over het pendelen, hoe sterker het verlangen naar telewerken. Jongere en hoger opgeleide werknemers hebben ook meer belangstelling.
Geïnteresseerde niet-telewerkers zouden liefst thuis werken (96%). Van de geïnteresseerde niet-telewerkers zou 78% graag twee of meer dagen per week thuis werken. Die verlangens van de niet-telewerkers komen niet overeen met de praktijk (waar er ook in satellietkantoren gewerkt wordt en hoofdzakelijk occasioneel aan telewerk gedaan wordt).
Niet-telewerkers hebben de neiging de positieve effecten van telewerk op het gezinsleven hoger in te schatten dan ze volgens de telewerkers zijn. Ze vrezen ook voor het verlies van het contact met collega’s en de baas, maar die angst blijkt ongegrond. De telewerkers voelen zich immers niet geïsoleerd van hun werkkring. Ongetwijfeld komt dit doordat voltijds telewerk slechts weinig voorkomt.


De Belgische telewerker

Profiel

35% heeft universitair diploma of diploma hoger onderwijs lange type (bij niet-telewerkers is dat 27%)
37% is 45 jaar of ouder (bij niet-telewerkers is dat 25%)
vooral actief in ICT (28%), administratie (12%) en verkoop (10%)


Ook nog naar kantoor

15% telewerkt één dag per week
12% twee dagen per week
8% drie of vier dagen per week
7% een deel van de dag (om de verkeersdrukte te vermijden)
15% is voltijds telewerker
43% verricht occasioneel telewerk (niet strikt vastgelegd)


Niet altijd thuis

56% telewerkt thuis
13% in een satellietkantoor van het bedrijf
4% in een satellietkantoor waar de werkgever een ruimte huurt
5% op andere plaatsen
5% doet het onderweg, in hotels, luchthavens en stations


Onderlinge afspraak

25% werkt binnen een welomlijnd telewerkprogramma
25% binnen een formeel telewerkproject
50% zonder dat de onderneming een formeel telewerkprogramma heeft, occasioneel en op basis van onderlinge afspraken


Tevreden

45% is zeer tevreden over deze arbeidsvorm
42% is tevreden
10% is eerder ontevreden
3% is absoluut niet tevreden


Bureau delen

45% is bereid tot desk sharing, wat mogelijkheden creëert om te besparen op kosten voor kantoren
42% blijft gehecht aan de vaste eigen werkplek op kantoor
14% werkt al in een systeem van desk sharing






Waarom telewerk aanbieden?

De Belgische enquête van Alcatel en InSites peilde ook de telewerkvisie van 191 bedrijfsleiders en 144 HR-managers. In 26% van de bedrijven wordt op een of andere manier getelewerkt. Nog eens 10% wil er op zeer korte termijn mee beginnen. De omvang van het bedrijf is geen beslissende factor. Zowel klein, middelgroot als groot voert telewerk in. Vooral bij informaticabedrijven, leveranciers van telecomuitrusting, non-profit, diensten aan ondernemingen en media is telewerk goed ingeburgerd.
Van de telewerkende ondernemingen is slechts 5% niet tevreden over het telewerk, 73% noemt zich tevreden en 22% zeer tevreden. Amper 4% heeft het telewerk teruggeschroefd. Bij 39% was er geen evolutie, bij 40% een lichte toename en bij 17% een sterke toename van het telewerken. Hun vooruitzichten: 3% wil het telewerk verminderen, 5% verwacht geen evolutie, nagenoeg 36% zal licht uitbreiden en bijna 57% wil sterk uitbreiden.
De werkgevers geven diverse redenen aan om telewerk aan te bieden:


60% doet het onder meer om de mobiliteitsproblemen te milderen.
40% ziet er ook een middel in om de arbeidsprestaties te verhogen.
37% vindt het een geschikte hefboom om de arbeidstevredenheid op te vijzelen.
18% wendt het aan om naar buiten te treden als een innoverend bedrijf.
13% noemt onder meer besparingen op de kantoorkosten als motief.




Verdubbeld in drie jaar

In de periode 1999-2002 is het aantal telewerkers in de Europese Unie verdubbeld. Ze zijn nu met 20 miljoen, zo wijst een studie van het Duitse onderzoekscentrum Empirica uit. Zo’n 10% van hen telewerkt meer dan één dag per week. In verhouding tot het aantal inwoners tellen de VS dubbel zoveel telewerkers.
Amper 2% van de EU-beroepsbevolking doet klassiek thuistelewerk, terwijl bijna 30% vindt dat zijn job perfect in aanmerking komt voor thuiswerk voor op zijn minst één dag per week.
Uit de Empirica-studie blijkt ook dat bedrijven hun computersystemen steeds sneller aan telewerk aanpassen, maar ze moedigen hun personeel niet echt aan om thuis te werken. Het klassieke thuistelewerk is niet echt populair bij de werkgevers.

Telewerk in de Europese Unie in 2002





































































Land Percentage van de beroepsbevolking dat in mindere of meerdere mate telewerkt
Nederland 26,4
Finland 21,8
Denemarken 21,5
Zweden 18,7
Groot-Brittannië 17,3
Duitsland 16,6
Oostenrijk 13,8
Gemiddelde Europese Unie 13,0
Griekenland 11,1
Ierland 10,9
België 10,6
Italië 9,5
Frankrijk 6,3
Luxemburg 5,6
Spanje 4,9
Portugal 3,4


Bron: Empirica


Volgens de bedrijfsleiders en HR-managers is de impact van telewerken het sterkst op de arbeidsmotivatie. Daarna volgen een beter evenwicht tussen werk en gezin en de vermindering van de mobiliteitsproblemen.

Maar hoeveel kost het?

Slechts 7% van de werkgevers meent dat de kosten van telewerk groter zijn dan de voordelen voor het bedrijf (al heeft 42% gewoon geen kosten-batenanalyse gemaakt).
De uitgaven die verband houden met telewerk worden gedeeltelijk gedragen door de werkgever en gedeeltelijk door de werknemer. Uit de enquête blijkt dat de ondernemingen vooral vaste (en dus beheersbare) kosten voor hun rekening nemen (93% betaalt de computer, 89% de software en 83% de modem). Uitgaven die verband houden met het internet worden voor 17% tot 23% gedragen door de werknemer, die ook 64% van de overige kosten op zich neemt.
Zo’n 52% van de telewerkers laat de telefoonkosten liefst rechtstreeks aan het bedrijf factureren, 35% van de bedrijven opteert voor het indienen van een onkostenstaat door de telewerkers, 13% van de bedrijven verkiest andere methoden.
De werkgever moet de nodige apparaten ter beschikking stellen. Ook de kosten voor telecommunicatie, verwarming en elektriciteit moeten vergoed worden, al gaat het alleen om de kosten gemaakt tijdens het werk. Er wordt zelfs verwacht dat de werkgever de kantoormeubelen ter beschikking stelt. Voor een extra aanslag van de fiscus en RSZ hoeft niet meteen gevreesd te worden. De kosten voor telewerk worden immers niet beschouwd als loon. Noch de werkgever, noch de werknemer betaalt er enige vorm van belastingen of RSZ op. Al kunnen fiscus en RSZ wel een claim indienen wanneer de kosten ongewoon hoog oplopen (dan kan een verborgen loon vermoed worden) of wanneer de werknemer die kosten nogmaals wil inbrengen als beroepskosten.
Vaak worden de kosten forfaitair per maand vergoed. Die regeling en het bedrag staan in het arbeidscontract. Als dat niet het geval is, mag de werknemer een bedrag eisen van 10% van zijn brutoloon als forfaitaire kostenvergoeding.


One-stop-oplossing voor telewerk

Eind 2002 lanceerden vier Antwerpse bedrijven een gezamenlijk pakket met advies, technologie en infrastructuur voor telewerk. NSIS zorgt voor de ontbrekende computer- en netwerkinfrastructuur, Telenet verzorgt de (internet)verbinding, Work at Home geeft fiscaal en juridisch advies, Soft Cell bouwt internetportalen die rol-gedreven toegang bieden aan medewerkers, leveranciers en klanten. Het meegeleverde elektronisch dossierbeheer brengt de overgang naar een papierloos kantoor weer iets dichterbij.
Het kwartet richt zich vooral op bedrijven met vijf tot 500 werknemers. De klanten hoeven niet alle onderdelen aan te schaffen, al biedt de krachtenbundeling wel het comfort van de one-stop-oplossing. Je hoeft slechts bij één van de vier aan te kloppen om je hele telewerkproject in de steigers te zetten - van de aanpassing van het arbeidscontract, over alle technische faciliteiten tot een voltijds beschikbare helpdesk. Het pakket wordt aangeboden tegen een vaste prijs per maand en per telewerker.
De vier bedrijven kwamen op het idee door de toenemende verkeerschaos in en rond Antwerpen, waar diverse wegenwerken de mobiliteit danig verstoren. Die toestand zal er de komende jaren niet op verbeteren. Daarom verwacht het kwartet een stijgende belangstelling voor telewerk. Het viertal heeft alvast heel wat infosessies in het Antwerpse achter de rug en wil het idee binnenkort ook in het Brusselse promoten.



Bereken het effect van telewerk

De Europese Unie wil telewerk extra wind in de rug bezorgen. Met financiële steun van de Europese Commissie wordt momenteel een model voorbereid, Sustel, waarmee werkgevers de kosten en baten van de invoering van telewerk zullen kunnen berekenen. Het model wordt binnenkort verwacht en zal kosteloos via het internet beschikbaar zijn: www.sustel.org.
Nuttige info en onderzoek vindt u ook bij de Belgian Teleworking Association (BTA): www.bta.be.



Wat is de grootste struikelsteen?

Zowel general managers en HR-managers van telewerkende bedrijven, als hun collega’s in niet-telewerkende bedrijven beschouwen het gebrek aan duidelijke informatie als de voornaamste hinderpaal voor de invoering van telewerk. Niet-telewerkende bedrijven noemen ook de organisatorische haalbaarheid als obstakel.
De managers zien een juiste technische aanpak als de voornaamste sleutel tot het succes van een telewerkprogramma. Daarna volgen een goede praktijk van het telewerken zelf, opleidingen, een gedegen voorbereiding en het uitwerken en concreet toepassen van goede afspraken.
Ook de general managers en HR-managers van niet-telewerkende ondernemingen gaan ervan uit dat telewerken de arbeidsprestaties verhoogt. Volgens de enquête van Alcatel en InSites is het positieve effect nog groter dan zij verwachten. Er zijn zelfs gevallen waarbij de productiviteit met 25% de hoogte inschoot.
Maar de grootste drempel zit tussen de managersoren. Daar dreunt nog altijd het oude refrein: controle komt vooral neer op zichtbaarheid en nabijheid. Velen vrezen nog steeds dat telewerkers op de duur hun gezag ondermijnen. Ongetwijfeld vinden sommigen het ook prestigieuzer om manager te zijn van een vol kantoor dan zich chef te voelen van onzichtbare medewerkers. Nochtans bewijzen talloze voorbeelden dat die controle wel degelijk uitgeoefend kan worden. Ze bestaat uit een combinatie van formele schikkingen en heldere afspraken over de hoeveelheid werk, de tijden waarop gewerkt kan worden en de bereikbaarheid van de telewerker. Zorg alvast voor een ondubbelzinnige, schriftelijke arbeidsovereenkomst en een arbeidsreglement waarin ook de rechten en plichten van de telewerker opgesomd staan.
Vergeet bij de invoering van telewerk ook vooraf de ondernemingsraad niet te raadplegen. Al heb je zijn fiat niet nodig, je moet wel advies vragen. Pluis nog even de arbeidswet en de CAO’s uit en je bent klaar. Verwaarloos de schijnbare details evenwel niet. Denk er bijvoorbeeld ook aan een 24-uursverzekering te nemen voor arbeidsongevallen als je de telewerker toestaat zijn werkuren volledig zelf te kiezen, ook al is dat ’s nachts. Met arbeidsrecht en arbeidsvoorwaarden is het altijd hetzelfde: leg alles keurig vast en communiceer er duidelijk over, zo vermijd je misverstanden en onaangename verrassingen. Is dat alles een voldoende overtuigende vorm van afstandsbediening voor controle op telewerk?


Deze tekst is grotendeels gebaseerd op de resultaten van de enquêtes van Alcatel/InSites in België en van het Duitse centrum voor communicatie- en technologie-onderzoek Empirica in Europa.





Uit de praktijk

Toshiba Europe: tijd zelf beheren

Momenteel maakt Toshiba Europe (desktops, laptops, servers) in Zaventem voorzichtig kennis met telewerk. Manager Finance & Administration Julien Ecker: “Ik ben alleszins een voorstander van telewerk, althans voor de afdelingen sales en productmanagement. Die mensen kunnen nu al thuis inloggen, maar dat gebeurt nog veel te weinig. Voor het bedrijf is telewerk kostenbesparend, alleen al omdat er minder kantoorruimte nodig is. Voor de werknemers verdwijnt het fileprobleem. Ik ga er ook vanuit dat telewerkers productiever zijn. Ze beheren hun tijd veel meer en hebben ook meer tijd als ze zich niet moeten verplaatsen.”


Smash–Digikids: voltijds telewerk

Digikids is een grootschalig project voor de implementatie van ICT-technologie in het onderwijs met als locomotief Smash, een bedrijf uit Boortmeerbeek dat handelt in multimedia en tv-projecten. Smash bezit ook een licentie voor het invoeren in België van het Europees Computer Rijbewijs. Voorts meet Smash de ICT-competenties van het personeel van Belgacom, De Post en de federale ministeries. Het bedrijf heeft al een aantal jaar ervaring met telewerk. Zaakvoerder Ronald Janssens: “Hier werken slechts zeven mensen. Iemand die de hele dag data moet invoeren, mag dat gerust thuis doen, en dat gebeurt ook af en toe. Maar het administratief personeel werkt gewoonlijk hier op kantoor. Onze twee vaste scenaristen daarentegen werken thuis. Altijd. Ik zie ze hooguit twee uurtjes per week. Zij hebben thuis de beschikking over alle mogelijke communicatiemiddelen en een volledige geluidsopnamestudio. Ze ontwerpen onder meer opleidingscd’s voor cursussen Excel, Word en internet. Smash neemt ook een deel van de elektriciteits- en verwarmingskosten van de scenaristen thuis op zich.”


Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap: anders werken

Via het project Anders Werken bij de Vlaamse administratie wil de Vlaamse regering drie beleidsopties naar voren schuiven: de optimalisatie van het gebruik van de faciliteiten, de verbetering van het welzijn van de ambtenaar (rekening houdend met de doelstellingen van de organisatie) en de aanpak van de mobiliteitsproblematiek. Leo Victor, de secretaris-generaal van het departement Algemene Zaken en Financiën, is bijzonder commissaris voor de reorganisatie van de Vlaamse overheid. Zijn ervaring met de invoering van het telewerk klinkt positief: “De experimentele fase hebben we achter de rug. We willen telewerk invoeren waar het functioneel mogelijk is en waar metingen mogelijk zijn. Bodes en boswachters, bijvoorbeeld, komen niet in aanmerking. De ambtenaren worden niet verplicht, wel aangemoedigd. Al zullen we daar niet veel moeite voor hoeven te doen, want de interesse is groot. Om vervreemding van de organisatie tegen te gaan, moet wel ten minste twee dagen op kantoor worden gewerkt.”
De Vlaamse Gemeenschap neemt de kosten voor pc, kantoormeubelen, telefoon en internet voor haar rekening. Vult Victor aan: “Extra vergoedingen voor verwarming of elektriciteit worden niet toegekend, al zullen de vakbonden op termijn hun eisen stellen. Maar dat is voorlopig het enige nadeel aan telewerk.”
Of de productiviteit van telewerkende ambtenaren stijgt, is nog niet onderzocht. Hoe dan ook, Victor ziet voorlopig alleen voordelen aan telewerk: “Waar 170 mensen werken, heb je ruimte nodig voor nog geen 100. Dat levert een fikse besparing op. De flexibiliteit wordt gemaximaliseerd, de kosten worden geminimaliseerd. Maar het belangrijkste is het tevredenheidspercentage van 75%. Dat moet wel een positieve invloed hebben op de productiviteit.”

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen