< Terug naar overzicht

Crisis doet arbeiders minder en bedienden meer verzuimen

Het ziekteverzuimpercentage van Belgische werknemers is in 2009 gestegen naar 5,28 procent. Daarmee wordt de continue stijging sinds 2001 voortgezet. De totale kosten van het ziekteverzuim stegen licht tot 10,7 miljard euro. Opmerkelijk: de stijging van de verzuimkosten van de bedienden worden volledig gecompenseerd door de daling bij de arbeiders.

Nieuw onderzoek van HR-dienstengroep Securex toont aan dat het totale ziekteverzuimpercentage in 2009 (5,58 procent) fors stijgt ten opzichte van 2008 (5,30 procent).

Ook de frequentie van het ziekteverzuim steeg in 2009. Belgische werknemers meldden zich in 2009 vaker ziek dan in 2008 en deden dit sinds 2004 elk jaar frequenter.

Gemiddeld was een Belgische werknemer in 2009 1,18 keer afwezig wegens ziekte. Dat is een stijging met 4,42 procent in vergelijking met 2008.

Eén op de twee verzuimt minstens één keer


Wetende dat één op de twee werknemers minstens eenmaal verzuimde (49,52 procent versus 48,35 procent in 2008), betekent dit dat 50 verzuimende werknemers voor 118 afwezigheden zorgen.

Het korte ziekteverzuim stabiliseerde. In 2009 waren Belgische werknemers dus langer én frequenter ziek dan het voorgaande jaar.

Bedrijven met veel bedienden het zwaarst getroffen


Er is een markant verschil in de evolutie van de verzuimkosten tussen arbeiders en bedienden: de totale kosten van het ziekteverzuim voor bedienden stegen nog sterker dan in 2008 (11,53 procent t.o.v. 10,24 procent) en deze voor arbeiders daalde voor het eerst en wel met 10,31 procent.

Deze terugval van de kosten van het ziekteverzuim bij arbeiders (van 4,58 miljard euro naar 4,10 miljard euro) kan verklaard worden door het gedaalde aantal in België werkzame arbeiders, de daling van hun korte verzuim (-3,66 procent) en de daling van de frequentie van hun ziekteverzuim (-2,48 procent) bij stabiel gebleven lonen.

De stijging bij de bedienden van 5,93 miljard euro naar 6,56 miljard euro kan verklaard worden door de federale crisismaatregelen voor tijdskrediet en deeltijds werk, waarbij bedienden hun werkdruk zagen stijgen.

In tegenstelling tot arbeiders, worden afwezige bedienden meestal niet door extra krachten vervangen. Door deze werkdrukverhoging gingen bedienden frequenter (+10,38 procent) en meer kort verzuimen (+11,36 procent). Samen met een stabiel gebleven tewerkstellingsgraad en stabiele lonen, leidde dit tot een gevoelige stijging van de verzuimkosten.

Arbeiders en bedienden voor het eerst even frequent afwezig


Nog een opmerkelijk verschil tussen arbeiders en bedienden is de evolutie van de frequentie van het ziekteverzuim. Bij de arbeiders daalde de frequentie met 2,48 procent, terwijl die bij de bedienden steeg met 10,38 procent ten opzichte van 2008.

Dit heeft ertoe geleid dat in 2009 arbeiders en bedienden voor het eerst even frequent afwezig waren (gemiddeld 1,18 keer per jaar).

Blijkbaar heeft de arbeider meer schrik zijn job te verliezen en past hij zijn verzuimgedrag aan. De bediende heeft het echter moeilijk om de hogere druk te verwerken, met een hoger verzuim als gevolg.

Minder werknemers zonder ziekteverzuim


Slechts de helft van de Belgische werknemers meldde zich nooit ziek in 2009. Ruim een kwart was twee keer of meer afwezig.

In 2009 is het aandeel werknemers dat zich in een kalenderjaar geen enkele keer ziek meldt opnieuw gedaald (met 2,86 procent). Het gaat nog om amper 50,48 procent. Het onderscheid tussen arbeiders en bedienden is verwaarloosbaar.

Stilaan flirten we met de drempel van de 50 procent onder dewelke we kunnen spreken van een verzuimcultuur. Een verzuimcultuur heeft als kenmerk dat ziekteverzuim binnen de onderneming als normaal en geaccepteerd wordt beschouwd. Eenmaal die drempel bereikt, kost het heel veel moeite om de situatie nog om te keren. Een onmiddellijke aanpak om erger te voorkomen is in deze situatie sterk aan te raden.

Het aandeel werknemers dat zich in 2009 twee keer of meer ziek meldde, is opgelopen tot 25,4 procent (+4,65 procent). Ook deze evolutie wijst op het ontstaan van een verzuimcultuur.

Belgische werknemer blijft thuis tot het einde van de week


Bijna één derde (30,33 procent) van alle afwezigheden duurt tot het einde van de week, ongeacht de dag van de ziektemelding. Hiervoor zijn twee mogelijke verklaringen:

  • De artsen geven (en werknemers vragen) gemakkelijk een certificaat tot het einde van de week.

  • Werknemers zijn niet geneigd om het werk te hervatten vooraleer het certificaat is verstreken.


  • Bedienden nemen massaal baaldag op maandag of vrijdag


    Ziektemeldingen worden nog steeds het meest frequent op een maandag gedaan (31,53 procent) en gelden in 22,34 procent van de gevallen slechts voor één dag.

    Opmerkelijk is dat vooral bedienden vaak een ‘baaldag’ nemen op maandag (6,66 procent t.o.v. 3,34 procent bij de arbeiders) of vrijdag (6,30 procent t.o.v. 4,37 procent bij de arbeiders).

    Meest getroffen regio’s


    Waalse werknemers verzuimden in 2009 eerder lang (totaal ziekteverzuimpercentage 6,45 procent) en Vlaamse werknemers eerder frequent (1,26 keer in 2009).

  • De provincies Luik en Henegouwen kennen de hoogste totale verzuimpercentages (respectievelijk 7,33 procent en 6,72 procent).

  • Limburg, Antwerpen en Vlaams-Brabant daarentegen kennen de hoogste frequenties (respectievelijk 1,42; 1,37 en 1,3).


  • Meest getroffen sectoren


    Het totale ziekteverzuimpercentage is het hoogst voor schoonmaak- en ontsmettingsondernemingen (13,36 procent), beschutte werkplaatsen (12,56 procent), recyclagebedrijven (12,51 procent), het vrij onderwijs (11,97 procent) en ceramiekbedrijven (11,33 procent).

    Op het vlak van de frequentie van het ziekteverzuim staan beschutte werkplaatsen (frequentie van 2,37) op de eerste plaats vóór uitzendarbeid (2,22), gezins- en bejaardenhelpsters (2,22), de glasindustrie (1,81) en de bank- en verzekeringssector (1,64 en 1,54).

    Minder verzuim bij tijdelijke contracten


    Het langdurige ziekteverzuim, zowel als de frequentie van het ziekteverzuim is het hoogst voor werknemers met een contract van onbepaalde duur (totaal ziekteverzuimpercentage 5,82 procent en frequentie 1,20) en het laagst voor werknemers met een contract van bepaalde duur (totaal percentage 2,79 procent en frequentie 1,14).

    Werknemers die nacht- of ploegenarbeid verrichten, verzuimen frequenter en minder langdurig dan werknemers die niet in ploegen werken (totaal ziekteverzuimpercentage 2,85 procent en frequentie 1,38). Dit wil niet zeggen dat ploegwerk bevorderlijk is voor de gezondheid. Hier speelt waarschijnlijk een ‘healthy worker-effect’. Alleen de gezonde werknemers blijven op oudere leeftijd werken en bij ploegwerkers is dit aandeel kleiner.

    Verzuim steeg met bijna 30 procent op 8 jaar


    “Het ziekteverzuim stijgt met bijna 30 procent op 8 jaar tijd”, merkt Jan Vandemoortele, Business Unit Director van Securex Health & Safety, op. “Dit is een evolutie die onze bedrijven, maar ook ons sociale-zekerheidsstelsel handenvol geld kost. Dat het tijd is om er nu iets aan te doen, concluderen we uit het feit dat nog amper de helft van de werknemers zich nooit ziek heeft gemeld in 2009. Het gevaar voor verzuimcultuur loert om de hoek. Een verzuimcultuur ombuigen kost veel meer moeite dan de inspanningen om nu op een positieve en constructieve manier een beleid uit te werken met alle stakeholders. Het is vooral aan te bevelen om dit op een gestructureerde en geïntegreerde manier aan te pakken want absenteïsme is zoveel meer dan afwezigheid wegens ziekte.”

    Geef als eerste een reactie

    Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
    < Terug naar overzicht

    U zoekt, u vindt !

    HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

    Word nu lid !
    Geniet van de voordelen