< Terug naar overzicht

Bereikt absenteïsme kantelpunt?

In 2018 bereikte het absenteïsme in België mogelijk een kantelpunt. Voor het eerst in tien jaar blijft het aantal langdurig afwezigen quasi hetzelfde als in het jaar ervoor. Toch meldden Belgische werknemers zich in 2018 vaker voor een korte periode ziek dan in 2017. Dat zorgde voor een stijging van 5 procent van het korte ziektepercentage. Het is 13 jaar geleden dat dit percentage zo sterk steeg in één jaar tijd. De stijging van het globale ziektepercentage is dus volledig te wijten aan de toename van het aantal korte afwezigheden.

Het absenteïsme in België bereikt mogelijk een kantelpunt: het (middel)lang absenteïsme lijkt te stagneren, maar er zijn wel meer korte afwezigheden, zo blijkt uit cijfers van HR-dienstverlener Securex. Op een gemiddelde werkdag in 2018 waren 7 werknemers op 100 afwezig door ziekte of privé-ongeval. Hiervan waren iets meer dan twee werknemers korter dan een maand afwezig, twee tussen een maand tot een jaar en bijna drie langer dan een jaar. In 2018 zette de bijna continue stijging van het globale absenteïsme in de Belgische privésector zich door. Dat is al zo sinds 2001. Het totale ziektepercentage voor bedrijven tot 1000 werknemers evolueerde van 6,89 procent in 2017 naar 7,07 procent in 2018.

Stijgend besef belang mentale gezondheid?

Voor het eerst in 10 jaar tijd is de evolutie van het aantal langdurig afwezigen niet significant. Het ‘lange’ ziektepercentage (langer dan een jaar) en het ‘middellange’ ziektepercentage (van een maand tot een jaar) bleven in 2018 op vrijwel hetzelfde niveau als in 2017.

Mogelijk bereikten de mechanismen die het langdurig (en middellang) absenteïsme de vorige jaren deden toenemen hun plafond en boeken bepaalde initiatieven hun eerste successen. In 2018 lag het aandeel 55-plussers hoger dan in 2017, maar we zien wel een vertraging in die vergrijzing. Dit drukt op de stijging van het lange ziektepercentage.

Securex rapporteerde tussen 2013 en 2017 een sterke toename van de belangrijkste oorzaken van burn-out, het risico op burn-out en het aandeel afwezigheidsdagen door psychische problemen. Het jaar 2018 bracht beterschap. “In 2018 registreerden de controleartsen van Securex 6,3 procent minder afwezigen door psychische problemen dan het jaar voordien”, zegt Heidi Verlinden, HR Research-expert. “Werknemers in ons land ervaarden ook significant minder werkdruk, emotioneel belastend werk, woon-werk belasting en privéstress. Een zeer positief signaal, al vermoeden we niet dat dit nu al het einde van de burn-outepidemie aankondigt.”

Re-integratiewet

De evolutie van het aantal lange afwezigheden lijkt ook verbonden te zijn aan de re-integratiewet die in 2017 in werking trad. Securex ziet een dalende maandelijkse toename in het jaar vlak voor de wet geïmplementeerd werd, gevolgd door een stabiele maandelijkse toename tijdens het eerste jaar en een dalende maandelijkse toename tijdens het tweede jaar. “Mogelijk betekent dit dat werkgevers in 2016 nog een aantal werknemers op informele wijze hebben gere-integreerd of ontslagen om medische redenen. Dan verdwijnt de werknemer uit de absenteïsmestatistieken, wat de dalende toename kan verklaren. In 2017 startten de eerste re‑integratietrajecten, maar het resultaat daarvan is vaak pas een jaar later in de cijfers te zien. In 2018 ging de re-integratie dan echt van start, met bovendien een verbreding van de focus naar alle langdurig afwezigen”, verduidelijkt Verlinden.

“Het is vandaag niet duidelijk of de re-integratiewet haar doel bereikt. Het is niet omdat de arbeidsarts oordeelt dat aangepast of ander werk mogelijk is, dat de werkgever ook zoiets kan aanbieden. Heel wat re-integratietrajecten eindigen dan ook in een ontslag om medische redenen. Maar het uiteindelijke doel blijft re-integratie op de arbeidsmarkt. Een ontslag om medische redenen mag geen eindpunt zijn. Een intensieve begeleiding moet dan starten om een nieuwe job bij een nieuwe werkgever te vinden”, zegt André Kruse, algemeen directeur Externe Dienst voor Preventie en Bescherming bij Securex.

Korte afwezigheid stijgt

Het korte ziektepercentage (minder dan een maand) steeg met 5 procent in 2018. Het is 13 jaar geleden dat dit percentage zo significant steeg in één jaar tijd. Belgische werknemers meldden zich in 2018 ook vaker ziek dan in 2017 (+ 5 procent). Die stijgende frequentie is volledig te wijten aan een toename van het aantal korte afwezigheden. Die extra ziektemeldingen kwamen van een grotere groep werknemers dan in 2017, want het percentage afwezigen steeg ook (+ 3 procent). Er waren niet alleen meer werknemers afwezig, er waren ook meer werknemers frequent afwezig. Want de groep werknemers die zich driemaal of meer ziek meldde, steeg sterk (+ 7 procent).

Belgische werknemers meldden zich in 2018 gemiddeld 1,1 keer afwezig door ziekte of privéongeval. Het percentage afwezige werknemers steeg in 2018 naar 53 procent. Meer dan de helft van de werknemers was dus minstens één dag afwezig door ziekte of privéongeval.

Gebrek aan motivatie

Voor de toename van het kort en frequent absenteïsme in 2018 was niet alleen een zwaardere griepepidemie verantwoordelijk. Securex ziet naast een sterke stijging van korte en frequente afwezigheden in de griepmaanden februari en vooral maart ook een sterke stijging tijdens de extreem warme zomermaanden juni, juli en augustus. Daarnaast was er ook nog een sterke stijging van de frequentie in november.

Een dalende kwaliteit van de motivatie ligt mogelijk ook aan de basis van het stijgend aantal afwezige werknemers. “Sinds 2013 zien we een dalende autonome motivatie (- 7 motivatie) en een stijging van de gecontroleerde motivatie (+ 11 procent). Werknemers werken dus steeds minder omdat ze het zelf graag ‘willen’ of zinvol vinden en hebben steeds meer het gevoel te ‘moeten’ werken. Problemen met autonomie, verbondenheid en competentie op het werk kunnen tot meer onterechte – maar ook terechte - ziektemeldingen leiden en zo de frequentie van absenteïsme verhogen”, zegt Hermina Van Coillie, HR Research-expert bij Securex.

Daarnaast daalt de aandacht voor kort frequent absenteïsme vermoedelijk door de werkdruk bij leidinggevenden. Korte en frequente afwezigheden vragen consequente opvolging. Bij hoge werkdruk kan men daar moeilijk tijd voor maken. “Leidinggevenden krijgen van hun management vaak te weinig tijd en ruimte voor de aanpak van frequente afwezigheden. Ze staan net als hun teamleden zelf ook onder druk en zijn minder aandachtig voor signalen van hun medewerkers. Ze hebben geen tijd voor preventieve gesprekken en consequente opvolging”, signaleert Elisabeth Van Steendam, consultant Absenteïsme.

Een aantal werkgevers heeft mogelijk ook de aandacht verschoven van kort en frequent naar langdurig absenteïsme, onder meer door de aanpassing van de wetgeving in verband met psychosociale risico’s op het werk in september 2014 en de invoering van de re-integratiewet van december 2016. Die nieuwe wetten verplichten werkgevers om maatregelen te nemen tegen langdurige afwezigheden: preventiemaatregelen tegen burn-out en re-integratie van langdurig afwezige werknemers.

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen