< Terug naar overzicht

Bedrijfswagen inruilen voor extra nettoloon niet voordeliger

De bedrijfswagen blijft (para)fiscaal voordelig, ook na de door de federale regering aangekondigde hervormingen. Enerzijds zou de tankkaart zwaarder belast worden, een extra kostprijs voor de werkgever. Anderzijds wil men werknemers een grotere keuzevrijheid bieden, waarbij ze de bedrijfswagen kunnen inruilen voor alternatieve vervoersmiddelen of voor meer nettoloon.

De federale regering moet de concrete invulling van het mobiliteitsbudget nog verder uitwerken. Daarbij wil men de werknemer een grotere keuzevrijheid geven inzake mobiliteit. De werknemer kan voor een bedrijfswagen blijven kiezen, of die inruilen voor alternatieve vervoersmiddelen of zelfs door nettoloon.

Als je de bedrijfswagen inruilt voor een nettoloon en de kosten voor de werkgever gelijk blijven, krijg je echter een nettobedrag dat niet echt meer in verhouding staat tot de waarde van de wagen. Daarom pleit SD Worx voor een mobiliteitsbudget waarbij de werknemer een budget krijgt dat hij naar eigen keuze mag spenderen aan een waaier van vervoersoplossingen, aangeboden door de werkgever (fiets, autodelen, openbaar vervoer, bedrijfswagen, …).

Dat budget wordt gecreëerd door op ondernemingsvlak de waarde van enkele bestaande extralegale voordelen om te vormen naar een budget, waarbij rekening gehouden wordt met de totale werkgeverskosten. Omdat de werknemer zijn keuzepalet aan mobiliteit zelf kan samenstellen binnen het vooropgestelde budget, wordt meerwaarde gecreëerd voor de werknemer zonder meerkosten voor de werkgever.

Zo hoeft de werknemer zijn bedrijfswagen niet in te leveren, maar kan hij/zij bijvoorbeeld wel kiezen voor een kleiner en milieuvriendelijker model. Het vrijgekomen budget kan dan besteed worden aan een ander vervoersmiddel (zoals een plooifiets) of uitbetaald worden als brutopremie, onderworpen aan RSZ en bedrijfsvoorheffing. Zo stelt hij zijn sociale-zekerheidsrechten veilig.

Opmerkelijke regionale verschillen

Uit cijfers van SD Worx (september 2015 – september 2016) naar de vergoeding van de kosten verbonden aan het woon-werkverkeer blijkt dat 17 procent van de Belgische werknemers een bedrijfswagen heeft. Het gros van de werknemers (55 procent) verplaatst zich met de eigen wagen, 10 procent heeft een fietsvergoeding en 9 procent een abonnement voor het openbaar vervoer. Bij 10 procent van de werknemers komt de werkgever niet tussenbeide in de terugbetaling van de vervoerskosten.

De bedrijfswagen is het meest ingeburgerd in Brussel (25 procent), gevolgd door Vlaanderen (19 procent) en Wallonië (14 procent). In het zuiden van het land verplaatst maar liefst 80 procent van de werknemers zich met zijn wagen naar het werk en kiest amper 1 procent van het werknemersbestand voor de fiets.

Impact op de organisatie

Ongeveer de helft van zowel de werknemers als werkgevers heeft interesse om een mobiliteitsbudget in te voeren. Dat de interesse in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, dat het meest lijdt onder de fileproblematiek, het hoogst is, mag niet verbazen: 61 procent van de werknemers en 59 procent van de werkgevers staan positief ten aanzien van het mobiliteitsbudget. In Vlaanderen en Wallonië is dit respectievelijk 46 procent en 58 procent van de werknemers, en 44 procent en 46 procent van de werkgevers.

Een betere mobiliteitsaanpak loont, zowel voor werknemer als werkgever, zo blijkt uit onderzoek van Mobimix.be en SD Worx. Enkele van de belangrijkste positieve resultaten: een verbetering van de werk-privébalans bij werknemers (73 procent), de creatie van een aangename en moderne bedrijfscultuur (60 procent), een aantrekkelijk imago als werkgever (58 procent) en een groter engagement bij de medewerkers (43 procent).

Bron: SD Worx (sdworx.com)


Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen