< Terug naar overzicht

Amper 1 op de 2 Belgen heeft veel vertrouwen in arbeidsmarkt en in zijn organisatie

De crisis op de arbeidsmarkt lijkt voorbij. Volgens de Nationale Bank van België bereikte het ondernemersvertrouwen in november 2010 het hoogste peil sinds maart 2008. Maar hoe is het gesteld met het vertrouwen van de Belgische werknemer?

Om dit te weten te komen, sloegen HR-dienstverlener SD Worx en Vacature de handen in elkaar. Als tegenhanger van het ondernemersvertrouwen is deze nieuwe indicator bedoeld als graadmeter voor de stemming op de arbeidsmarkt en in de bedrijven. Er werd gepeild naar het vertrouwen in de arbeidsmarkt, het vertrouwen in de organisatie en het vertrouwen in zichzelf als werknemer. Het gemiddelde van deze drie domeinen geeft het Belgische werknemersvertrouwen weer.

Vertrouwen in de arbeidsmarkt: laag in de privésector


De werkende Belgen hebben niet overdreven veel vertrouwen in de huidige arbeidsmarkt: de gemiddelde score bedraagt slechts 5,59 op 10.

We zien hier een opmerkelijk onderscheid tussen werknemers van privébedrijven en werknemers in overheidsdienst. Op de vraag of er voldoende werkzekerheid is, antwoordt in die laatste categorie liefst 65 procent positief, een cijfer dat bij werknemers uit de privésector daalt naar 54 procent. Ook gelooft veel meer overheidspersoneel dat hun werkgever hen niet snel zal ontslaan (82 procent tegenover 70 procent in de privé).

Het vertrouwen in de arbeidsmarkt is overigens het grootst bij medewerkers van middelgrote organisaties (100 tot 499 werknemers): 5,8/10. Dat cijfer daalt lichtjes bij werknemers uit grote ondernemingen (+500 werknemers) tot 5,7/10 en zakt nog verder in de kleinere ondernemingen (<100 werknemers) tot 5,4/10.

Vertrouwen in de organisatie: slechts helft vertrouwt management


Ook de organisaties zelf kunnen momenteel nog niet op het blindelingse vertrouwen van hun medewerkers rekenen. Zo vindt slechts 52 procent van de werknemers zijn management geloofwaardig en eerlijk, terwijl maar de helft van oordeel is dat het management voldoende kansen biedt aan de medewerkers. Vaak heerst ook onvoldoende respect op de werkvloer: amper 45 procent vindt dat binnen zijn onderneming iedereen gelijk en met respect wordt
behandeld.

Vertrouwen in zichzelf: groter bij kaderleden


Medewerkers die weinig vertrouwen hebben in de arbeidsmarkt en in hun organisatie hebben vaak ook minder vertrouwen in zichzelf. Toch zijn er verschillen merkbaar tussen medewerkers onderling. Zo hebben kaderleden opvallend meer vertrouwen in zichzelf dan het uitvoerend personeel (een score van 6,9/10 tegenover 6,3/10).

76 procent van de kaderleden gelooft in zijn kansen op de arbeidsmarkt en 78 procent is ervan overtuigd dat hij/zij het ver zal schoppen. 94 procent vindt dat zijn capaciteiten veel waard zijn. Als we deze vragen projecteren naar het uitvoerend personeel, dan zakken alle percentages tot respectievelijk 66 procent (kansen), 51 procent (ver schoppen) en 84 procent (capaciteiten).

Het werknemersvertrouwen: groter in Vlaanderen, bij mannen en jongeren


In het derde kwartaal 2010 staat het algemene Belgische werknemersvertrouwen op 5,98 op 10. Dit cijfer daalt zelfs tot amper 4,8 op 10 bij werkzoekenden. Deze laatste hebben overigens op alle vlakken minder vertrouwen dan hun werkende landgenoten (zowel minder vertrouwen in de arbeidsmarkt als in zichzelf).

In Vlaanderen ligt het werknemersvertrouwen opvallend hoger dan in Brussel en Wallonië. Het is bovendien groter bij mannen dan bij vrouwen. Bij de oudere werknemers is het algemene vertrouwen dan weer veel minder groot dan bij hun jongere collega’s. Slechts 62 procent van de vijftigplussers gelooft nog in zijn kansen op de arbeidsmarkt, terwijl dat geloof groeit bij werknemers tussen 30 en 49 jaar (71 procent) en bij jongeren onder 30 jaar (69 procent).

Medewerkers die hoog scoren op het algemene werknemersvertrouwen zijn vaker geëngageerd: ze zijn vaker trots op hun organisatie en staan garant voor sterke prestaties. Werknemers met veel vertrouwen zullen bijgevolg minder snel actief uitkijken naar een andere werkgever.

Wie veel vertrouwen heeft in de arbeidsmarkt, zal meestal ook veel vertrouwen hebben in de organisatie en in zichzelf. De drie domeinen vormen communicerende vaten. En dit geldt ook in negatieve zin: medewerkers die weinig vertrouwen hebben in de arbeidsmarkt en hun organisatie, hebben vaak ook minder vertrouwen in zichzelf en omgekeerd.

Het onderzoek


Het werknemersvertrouwen geeft een beter zicht op de verloop- en retentieproblematiek, de tevredenheid en betrokkenheid bij een organisatie en de persoonlijke ambities en capaciteiten van medewerkers. Via een online-bevraging bij 1000 Belgen werd gepeild in welke mate ze akkoord gingen met 16 stellingen over de arbeidsmarkt, de organisatie waar ze werken en hun eigen kansen en capaciteiten.

De steekproef was representatief voor de Belgische beroepsactieve bevolking en bevatte zowel werkenden als werkzoekenden.

De resultaten voor die drie onderwerpen werden gebundeld in de rubrieken ‘vertrouwen in de arbeidsmarkt’, ‘vertrouwen in de organisatie’ en ‘vertrouwen in zichzelf als werknemer’. De gemiddelde score van deze drie domeinen geeft het algemene Belgische werknemersvertrouwen weer. Zowel het vertrouwen in de drie domeinen als het algemene werknemersvertrouwen stellen we voor aan de hand van een graadmeter op een tienpuntenschaal. Hoe hoger de score, hoe groter het vertrouwen.

De bevraging van het Werknemersvertrouwen vindt drie keer per jaar plaats. In maart, september en december zullen Vacature en SD Worx telkens de stand van het werknemersvertrouwen bekendmaken.

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen