< Terug naar overzicht

50-plusser verdient 11 procent minder bij nieuwe werkgever

Het gemiddelde loon van een bediende ouder dan 50 die aangeworven wordt in de profit, ligt 11 procent lager dan dat van zijn collega van 50 jaar en ouder die in datzelfde jaar het bedrijf verlaat.

50-plussers worden steeds ‘jobmobieler’. Van alle bedienden die de voorbije jaren ontslag namen, is 11 procent ouder dan 50. Ook het aandeel van 50-plussers in de aanwervingen nam in de voorbije vijf jaar met de helft toe. Van de bedienden die de laatste jaren zelf ontslag namen, komt 52 procent uit de categorie 30-50 jaar, 37 procent is jonger dan 30 en 11 procent is 50-plusser.

Vaak wordt er vanuit gegaan dat bedienden ouder dan 50 niet meer actief op zoek gaan naar een nieuwe uitdaging en kiezen voor de zekerheid van de huidige job. Toch stellen we vast dat 12 procent van het aantal bedienden dat andere oorden opzoekt ouder is dan 50 jaar. Deze positieve evolutie is ingegeven door een aantal factoren. In de groeiende ‘oorlog om talent’ zijn oudere werknemers een belangrijke nieuwe doelgroep voor bedrijven. Tegelijk is er het groeiende besef dat meer carrières dan vroeger zullen duren tot de wettelijke pensioenleeftijd van 65 jaar of ouder. Dan kan je maar best een job doen waarin je je kan uitleven. En als je huidige werkgever je dat perspectief niet kan geven, ga je je geluk elders beproeven.

Gemiddeld loon bij aanwerving is niet het gemiddeld loon bij ontslag

Opmerkelijke vaststelling bij jonge en oudere werknemers: het gemiddelde loon bij aanwerving verschilt beduidend van dat bij ontslag. Bedienden van jonger dan 30, krijgen bij aanwerving een loon dat liefst 18 procent hoger ligt dan dat van hun collega van dezelfde leeftijdscategorie die zijn werkgever verlaat. En voor de bedienden van 50 jaar en ouder is er de frappante vaststelling dat het jaarloon bij indiensttreding 11 procent lager is dan het jaarloon bij uitdiensttreding. Voor de 30- tot 50-jarigen is het gemiddeld jaarloon bij aanwerving  vrijwel identiek aan dit van hun collega die uit dienst ging.

Maar zowel aan de kant van de instroom, als aan de kant van de uitstroom stijgt het jaarloon van de bedienden met de leeftijd. Een 30- tot 50-jarige instromer heeft een loon dat gemiddeld 60 procent hoger is dan het loon van een min-30-jarige instromer, een 50-plusser verdient nog eens 8 procent meer.

Voor de bedienden die uitstromen, zijn de verschillen nog aanzienlijker: de bediende tussen 30 en 50 verdient op het ogenblik van uitdiensttreding gemiddeld 94 procent meer dan zijn collega van minder dan 30, en de bediende die de 50 gepasseerd is, ontvangt een loon dat 19 procent hoger ligt dan het gemiddelde loon van de 30- tot 50-jarige. Of een loonverschil met de jongere van minder dan 30 jaar van maar liefst 130 procent.

Anciënniteit niet meer van deze tijd

In de profitsector geldt voor bedienden nog altijd de logica: een jaar erbij impliceert enkele euro’s erbij. Maar als hun arbeidsovereenkomst afloopt en ze een nieuwe job moeten zoeken, wordt hun meerwaarde belangrijker dan hun anciënniteit. Op dat ogenblik moet de bediende bereid zijn om af te stappen van de anciënniteitsopslag die hij anders bijna zeker krijgt.

Dat een beginnende bediende de eerste jaren waardevoller wordt en dus loonsverhoging krijgt, is logisch. Maar dat de waarde met de jaren niet lineair blijft stijgen, is even logisch, en dat hebben werkgevers en bedienden blijkbaar begrepen. Dat suggereert althans het gemiddeld lagere loon van oudere bedienden bij instroom dan bij uitstroom.

Bron: Acerta (acerta.be)

 

Lees meer over

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen