< Terug naar overzicht

2012 recordjaar voor ziekteverzuim

Het ziekteverzuim geraakt maar niet onder controle. Sinds 2002 vertoont het absenteïsme in België een constante stijging. Nooit eerder was het totale ziekteverzuim zo hoog als in 2012. Die piek is vooral te wijten aan een recordcijfer voor langdurig verzuim. Vooral in grote bedrijven is een heuse verzuimcultuur ontstaan. De vergrijzende arbeidspopulatie, de crisis en de hoge werkdruk zijn enkele van de verklarende factoren.

Dat blijkt uit het rapport ‘Out of Office - Ziekteverzuim 2012’ van HR-dienstenverlener SD Worx. Met 4,77 procent bereikte het totale verzuim in 2012 een recordhoogte. Op elf jaar tijd steeg het kortdurende verzuim van 2,02 procent naar 2,44 procent.

Belgische werknemers (uitgedrukt in VTE, voltijdse equivalenten) waren gemiddeld 47 uur kortdurend afwezig wegens ziekte of meer dan volle 6 werkdagen. In 2002 was dat nog 43 uur.

Vooral het langdurig verzuim (langer dan 1 maand, maar korter dan 1 jaar) stijgt onrustwekkend van 1,60 procent in 2008 naar 2,33 procent. De stijging is algemeen zichtbaar in Vlaanderen, Wallonië en Brussel, bij arbeiders en bedienden en in zowat alle sectoren. De stijging is wel het sterkst in Wallonië, bij arbeiders en bij werknemers vanaf 50 jaar.

Vergrijzing


De vergrijzende werknemerspopulatie, de arbeidsomstandigheden, zware motivatieproblematieken, stress, burn-out en fysieke aandoeningen zijn mogelijke oorzaken. Uit engagementsonderzoek van SD Worx blijkt ook dat een groot deel van de langdurende verzuimers mentaal heeft afgehaakt. Ze voelen zich ondergewaardeerd en kunnen zich niet langer identificeren met de cultuur en waarden van de organisatie. De ontwikkeling wijst er ook op dat de grenzen van de citroenloopbaan zijn bereikt.

Hoe groter de onderneming, hoe hoger het absenteïsme


Het algemeen hoge absenteïsme in Belgische bedrijven is een symptoom van een onderliggende malaise. De voorbije jaren ontstond in sommige bedrijven in bepaalde sectoren een manifeste verzuimcultuur. Vooral grote organisaties blijken verzuim te tolereren.

Terwijl in kmo’s met minder dan 20 werknemers in 2012 slechts 33 uur verzuim werd gemeten, was dat in organisaties met meer dan 1000 werknemers niet minder dan 54 uur.

Deeltijdse werknemers


Opvallend zijn de grote verschillen per sector of segment. Het meest problematisch is het absenteïsme in de quartaire sector, de sector van de niet-commerciële dienstverlening, waar het verzuim in onder meer de gezondheidszorg en de sector van de maatschappelijke dienstverlening zeer hoog is. Arbeiders uit die sector waren in 2012 gemiddeld 72 uur afwezig wegens ziekte. Bedienden 49 uur.

Dat is een stuk hoger dan arbeiders uit de industrie, die in 2012 maar liefst twee volle werkdagen minder afwezig waren (58 uur) en bedienden uit de industrie, die zich in 2012 slechts 31 uur ziek meldden.

Er werden ook andere opmerkelijke verschillen vastgesteld. Zo waren deeltijdse werknemers vorig jaar gemiddeld 56 uur afwezig wegens ziekte en voltijdse werknemers 43 uur. Arbeiders waren 61 uur ziek. Shiftarbeiders 63 uur. Bij bedienden lag het gemiddelde aantal uren verzuim op 41 uur.

Duur


Ziekteverzuim is duur. Het loon van arbeiders en bedienden is namelijk gedurende 30 kalenderdagen gewaarborgd en maakt zo de belangrijkste kostprijs ervan uit. Het ziekteverzuim van een medewerker kostte een bedrijf in 2012 gemiddeld 889,55 euro. In 2008 was dat nog 784,26 euro of 13 procent minder. Deze kosten volgen de algemene loonkostenstijging in België.

Dat bedrag omvat louter de loonkosten van de niet-gepresteerde uren en niet de omvangrijke indirecte kosten zoals productiviteit- en kwaliteitsverlies, vervanging van de zieke werknemer, stijgende werkdruk en motivatieverlies bij collega’s.

Geef als eerste een reactie

Om reacties te kunnen geven moet u inloggen
< Terug naar overzicht

U zoekt, u vindt !

HR Square | Magazine, E-zine, Netwerk, Website, Seminaries, ...

Word nu lid !
Geniet van de voordelen